Senegal – Gambia

Vrijdag 05-01-2018
Vandaag vertrekken we naar een nieuw land en onze eerste bestemming is Banjul, de hoofdstad van Gambia. Om 9:00 uur maken we ons klaar om het anker op te halen en roepen nog even Immaqa (Koen en Iris) op via de marifoon. Zij zijn bijna zover, moeten nog een paar dingetjes doen en daarom gaan wij alvast vooruit. Het is bijna 100 mijl naar Banjul en dat betekend een nachtje doorvaren om in de ochtend aan te komen. Bij ons vertrek is het bewolkt, maar wel al warm. We varen afwisselend op de motor en zeil of alleen op zeil, met een gemiddelde van 5 knopen per uur. De rolfok rolt erg moeilijk uit vanwege al het zand wat er tussen zit. Fred maakt de lijn met water schoon waardoor het al wat soepeler gaat. Zowel de windvaan als de stuurautomaat worden gebruikt en deze laatste doet het gelukkig weer goed.
Onderweg strijken we de Senegalese vlag en maken een begin met de boot een beetje schoon te maken. We beginnen met onze windschermen, die helemaal rood zijn van al het woestijnzand. Wat een klus! Nadat ik het eerste windscherm eindelijk schoon heb gekregen, maak ik hier een foto om even duidelijk het verschil te laten zien. Dit is nog eens dankbaar werk!
We varen niet te dicht langs de kust want daar zijn vaak vissers met onverlichte bootjes en netten die niet altijd goed zichtbaar zijn. De Immaqa haalt ons op een gegeven moment aan de kustkant in en later varen wij weer voorop. Het is weer even wennen om een nachtje door te zeilen, maar gelukkig is het pas volle maan geweest en wordt de hemel goed verlicht. We kunnen weer genieten van een mooie sterrenhemel. Op een gegeven moment zie ik allemaal lampjes van vissersnetten voor ons uit en wijk uit naar stuurboord, verder van de kust af. Immaqa vaart achter ons maar veel dichter bij de kust en daardoor recht op de netten af. Ik roep ze op via de marifoon om ze te waarschuwen, maar ze verstaan me blijkbaar niet goed. Ik herhaal het nogmaals: lichtjes, vissersnetten, bakboord van ons. Even later zie ik ze een zigzag naar stuurboord maken. Fijn dat ik zo goed in het donker zie en dat we radar hebben.
De nacht verloopt zonder problemen.Zaterdag 06-01-2018
Vlak voordat we Banjul naderen hijsen we de Gambiaanse vlag, we hebben de ‘The Smiling Coast of Africa’ bereikt. Als zeilers kom je vaak via de ‘achterdeur’ het land binnen. De ankerplaats bij de haven van Banjul heet ‘Half Die’ en is hier een goed voorbeeld van. Wanneer je de betekenis kent van deze naam maak je meteen al kennis met de trieste geschiedenis van dit land. De armoede van deze wijk is duidelijk te zien aan de staat van de huizen. De open riolen zijn inmiddels uit het straatbeeld verdwenen, maar zo’n 100 jaar geleden was dit wel wat anders. Toen was cholera aan de orde van de dag en deze wijk, tegenover de haven van Banjul, heeft zijn bijnaam aan die periode te danken toen ooit de helft van de bevolking overleden is als gevolg van een cholera epidemie. Je ziet toch nog opschriften op de muren: ‘Welcome to Half Die’, nauwelijks een opwekkende leuze te noemen.
Er liggen grote vrachtschepen voor anker en volgens de pilot moeten we opletten met ankeren vanwege de ondiepte en het aantal wrakken dat er ligt. Vlakbij een oude vervallen veerboot die aan een grote mooring ligt, gaan we voor anker.
Niet heel veel later ligt ook de Immaqa voor anker. Via de marifoon spreken we af dat er van elke boot één persoon naar de kant gaat om samen in te klaren. Nu is het vandaag zaterdag en we hopen dat er ook daadwerkelijk iemand aanwezig zal zijn. Fred gaat samen met Iris met onze dinghy op pad. Ze leggen de dinghy bij een grote steiger waar de vissersboten liggen en worden vriendelijk begroet door de vissers. Vanaf het moment dat ze de steiger op lopen staat er al een mannetje klaar die, volgens zijn eigen zeggen, bij de haven thuis hoort en wandelt mee. Aan het einde van de steiger is een poort met een kantoortje en daar moeten ze de paspoorten laten zien en worden ze ingeschreven. Er wordt iemand anders geregeld om met ze mee zou lopen naar de immigratie, want de havenpolitie en douane zijn dicht vandaag. Achteraf gezien hadden ze toen meteen terug naar de boot moeten gaan en maandag alle drie de dingen tegelijk moeten doen. Maar ja, dat is wijsheid achteraf!
Het immigratie kantoor is zeker een kilometer lopen (zie kaartje). Bij de immigratie worden ze langs een gordijntje naar binnen gelaten waar veel mensen in een hokje zitten. Vervolgens naar een achterkamertje waar twee mensen zitten. Nu moeten er formulieren ingevuld worden, voor elk persoon één, met alle gegevens en hoelang we van plan zijn te blijven. Wij 3 maanden en Iris 3 weken. De paspoorten worden bekeken en er wordt een stempel gezet voor slechts 2 weken, wat natuurlijk veel te weinig is. Er blijkt geen andere stempel te zijn. We hebben van andere zeilers gehoord en gelezen dat dit geheel volgens willekeur gaat. Maar als je betaald dat er dan ineens van alles mogelijk is. De beambte vraagt, na het zetten van de 2 weken stempel, toch nog even of hij nu een presentje krijgt? Geld dus!
Maar ja, geld hebben Iris en Fred nog niet kunnen pinnen. Iris geeft de man wel 2 of 3 stuks sigaretten, waar hij niet echt blij mee is. Waarschijnlijk hadden we wel een stempel voor 3 maanden gekregen wanneer we meteen met geld over de brug waren gekomen……!Het volgend doel is geld pinnen! Daarvoor moet er eerst een flink eind gelopen worden voordat er (op de “Liberation Avenue“) een ATM-automaat gevonden wordt. Fred kan 2x pinnen en ontvangt per keer 4000 Dalasi, maar Iris krijgt maar 2000 Dalasi per keer. Waarom dit zoveel minder is, is nog steeds een raadsel! 55 Dalasi is ongeveer € 1,00.
Daarna op zoek naar een telecomwinkel om simkaartjes te kopen voor internet. Het wordt Africell en daar kopen ze kaartjes van 2 GB voor 495 Dalasi. Dit ging soepel. Het mannetje loopt helemaal met ze mee naar de dinghy en dan betaalden ze hem ongeveer 100 Dalasi als fooi. Goed en wel waren Fred en Iris hier toch 3,5 uur mee bezig geweest.
Moe van deze onderneming en alle indrukken komen ze terug op de boot. Eerst even bijkomen en gezellig borrelen bij Iris en Koen aan boord. Diezelfde avond eten we, bij gebrek aan verse dingen, een vreemde combinatie van wraps, knakworstjes en komkommer.

De nacht verloopt wat onrustig doordat de stroming en de wind dwars op elkaar staan. Zondag hebben we een rustdag om ons voor te bereiden op de rest van ons Gambia avontuur. Maandag zullen we opnieuw de kant op moeten om de rest van de papieren in orde te maken. Naar de douane en een permit regelen om de rivier op te mogen varen. We hebben een goede klik met Iris en Koen en al gauw maken we plannen om gezamenlijk de rivier op te varen.

Mijn jongste zoon Vincent komt maandag naar Gambia toe en zal de komende 23 dagen bij ons aan boord vertoeven. Ons plan is om maandag zo vroeg mogelijk de papieren af te handelen en dan met het goede tij de rivier op te varen naar Lamin Lodge waar we voor anker zullen gaan. Vincent komt maandag nacht aan en zal hij per taxi bij Lamin Lodge arriveren. Vandaag kreeg ik van hem te horen dat zijn mobiel kuren heeft met opladen, laten we hopen dat het allemaal goed gaat.

Senegal: 2e blog over Dakar

2017-12-23 t/m 2018-01-04
De stad
De bijnaam van Dakar is “Teranga”, wat gastvrijheid betekent. Dakar is ooit gesticht door bewoners van een dorp genaamd Yoff, een nabij gelegen vissersdorpje, maar tegenwoordig een buitenwijk. Sinds 1902 is Dakar de hoofdstad van Frans West-Afrika en later in 1960 werd het de officiële hoofdstad van Senegal. Er wonen ruim 2 miljoen inwoners uit verschillende etnische groepen en culturen, zoals de Wolof, die de meerderheid vormen, de Toucouleurs, Sérères, Peuls, Mandingo, Diola, …  De voertaal is Frans en daarnaast een mengelmoes van talen uit de bovenstaande groepen. Er zijn verschillende wijken die allemaal hun eigen bijzonderheden hebben. Een “moderne” centrum, met ambassade, ministerie en hotels en als contrast de wijken er om heen, die ik al eerder beschreef. Overal waar je kijkt ligt er zand, van schoonvegen hebben ze hier nog nooit gehoord, dit in tegenstelling tot Marokko, waar straatvegers overal te zien waren. We zien paarden karren voorttrekken, gedeukte taxi’s en glimmende SUV’s over de kleine zandweggetjes rijden. Geiten en schapen, dames in prachtig gekleurde gewaden en keurig geklede zakenmensen, mensen in kleding die tot de draad versleten zijn lopen met grote schalen en manden op hun hoofd. Aan de achterkant van de taxi’s, onderaan de bumper hangt een staart van koeienhaar, voor goed geluk. Je ziet hier, ondanks dat er veel moslims zijn relatief weinig vrouwen die hoofddoekjes dragen. Er zijn wel moskeeën, maar minder nadrukkelijk aanwezig dan in een land als Marokko. Langs de snelwegen, die de diverse wijken met elkaar verbinden, hangen allerlei mensen rond om hun waren aan de man te brengen.Wat is er te zien?
Hier lopen de meningen volgens diverse bronnen duidelijk nogal uiteen. De stad zou een interessant aanbod Franse en Afrikaanse architectuur hebben, maar dat is ons allemaal een beetje tegengevallen. Dakar is een stad van uitersten, het contrast is tussen het centrum en de troosteloze vuile sloppenwijken er omheen. Er is een Medina, een levendige handelswijk met traditionele huizen, die veelal gebouwd zijn rondom een binnenplein waar meestal een baobab boom staat. Deze grote boom zorgt voor de broodnodige schaduw. Ten noorden van het Onafhankelijkheidsplein ligt het treinstation, een imposant gebouw dat nu in de steigers staat vanwege een restauratie. In de Medina is een leuke en typisch Afrikaanse markt waar je van alles kunt halen: fruit, groenten en nog veel meer artikelen. Ook is er een toeristische markt genaamd Marché Kermel. In de wijk HLM is een lapjesmarkt daar worden in kleine zaakjes mooie gekleurde (gewaxte) lappen stof verkocht. We zijn de enige blanke mensen op de markt en vallen echt wel op. Natuurlijk kan ik de verleiding niet weerstaan en koop bij twee verschillende zaakjes grote stukken stof en met een beetje afdingen komen we op een redelijke goede prijs uit.
Er is een museum voor de Afrikaanse kunst Museum de L’lfan en ons was aangeraden om dit museum zeker te gaan bezoeken om zo een goede indruk te krijgen van de cultuur en kunst van Afrika. Het is een groot imposant gebouw met tuin en hek er om heen. Bij binnenkomst moeten we entreegeld betalen, voor buitenlanders is dit 5000 Dalasi (€ 8,00) en voor inwoners van Dakar 2000 Dalasi (€ 3,00). We worden gewoon als blanken buitenlanders gediscrimineerd. Maar dan verteld het mannetje achter het bureautje ons dat het museum nog maar een klein uurtje open is. Zullen we dan maar op een andere dag terugkomen vragen we ons af, maar dan zegt het mannetje dat, omdat het museum nog maar een uurtje open is, we maar 2000 Dalasi hoeven te betalen. Beter iets aan inkomsten dan niets, zullen we maar zeggen. Het museum is niet wat we er van hadden verwacht en zeker niet te vergelijken met een westers museum. Grote ruimtes waar relatief zeer weinig tentoongesteld is en alles ziet er uit alsof er al jaren niets aan veranderd is. Maar goed, je krijgt een beetje de indruk van de cultuur. We struinen toch nog ongeveer half uurtje rond en houden het dan voor gezien. Ik moet nodig naar het toilet, maar daar blijkt geen water te zijn om door te spoelen en mijn handen te wassen. Van het museum mannetje krijg ik hiervoor een fles met water aangereikt. We beginnen al te wennen aan dit soort dingen. In een ander gebouw is een tentoonstelling voor Moderne Art, maar dat vonden we niet veel bijzonders.

We brengen ook een bezoek aan het Eiland Gorée, een voormalig slaveneiland dat voor de kust van Dakar ligt.
Een taxi brengt ons naar de terminal van de ferry, maar voordat we het terrein op mogen moeten we eerst ons paspoort laten zien. Die hebben we natuurlijk niet bij ons, want wanneer we op pad zijn nemen we alleen een kopie van ons paspoort mee uit veiligheidsoverwegingen. De militair die ons om het paspoort vraagt is nogal verbaasd dat we alleen een kopie bij ons hebben, maar we mogen toch doorlopen. Bij een iets wat vaag loketje kopen we een kaartje voor 5200 CFA (€ 8,00), wat we redelijk prijzig vinden voor dit land. Het lijkt er op dat we ook hier veel meer moeten betalen dan de inwoners van Senegal. We worden vervolgens naar een soort wachtruimte gedirigeerd, de boot was vol en we moeten wachten op de volgende. Omdat we snakken naar iets te drinken en te eten gaan we op zoek naar een restaurant o.i.d. Er bevindt zich achter de afzetting een grotere wachtruimte met daarbij een plek waar we iets kunnen kopen, maar daarvoor moeten we eerst weer ons paspoort laten zien en zelfs de kopie als borg achter laten. We ontvangen een soort pasje en mogen achter de afzetting en kopen iets te eten en te drinken. Nu is het wachten op de volgende boot. Vlak voor het vertrek van onze veerboot leveren we het pasje in en krijgen ons paspoort kopie terug. Na 20 minuten komen we aan op het slaveneiland en wijzen meteen alle aanbiedingen van gidsen af. We wandelen liever zelf over het eiland.
Dit voormalige slaveneiland van Dakar en is één van de belangrijkste monumenten van de slavenhandel tussen de 16e en 19e eeuw. Inmiddels is het eiland ook uitgeroepen tot wereldmonument van Unesco. Op het eiland zijn de invloeden van de verschillende overheersers (Portugezen, Hollanders, Engelsen en Fransen) nog goed te zien en dat geeft het eiland een bijzonder karakter. Zij gaven het eiland uiteindelijk ook zijn naam. Op het eiland staat het fort “Maison des Esclaves”, dit is het enige slavenhuis op het eiland dat overgebleven is. Het is in zijn geheel gerestaureerd en wordt geconserveerd door Joseph Ndiaye. Deze Charismatische 80-jarige man geeft nog steeds zelf de rondleidingen. Hier vandaan werden Afrikaanse slaven verhandeld en ingescheept op een houten boot via de Atlantische Oceaan richting Nieuwe Wereld. Ontsnappen uit het fort en naar de kust zwemmen was met een 5 kilogram zware metalen bal aan de voeten en nek geen optie. Het museum geeft je een beter inzicht in de pakkende verhalen over deze zwarte bladzijde uit de geschiedenisboeken. Maar ook hier is al lange tijd niet veel meer aan de tentoonstelling gedaan. Met plaatselijk schaamte voor onze voorvaderen lopen we door het fort. Op het eiland zijn ook een aantal kleine restaurantjes, een strand en tegenwoordig ook enkele toeristische souvenirs stalletjes. We wandelen door de kleine straatjes met mooie gekleurde huisjes, afgewisseld door vervallen gebouwen. Op het plein zien we een grote Baobab boom en bij een klein stalletje zien we de vrucht van deze boom liggen. Hier vertel ik later meer over. Bij één van de restaurantjes drinken we nog wat en nemen dan de veerboot terug naar Dakar.

 

Taxi’s
Het is heel gewoon dat de taxi chauffeurs het dubbele of zelfs meer vragen voor een ritje. Nu weten we wel wat een ritje kost en dingen gewoon de prijs af onder het soms luid gemopper van de taxichauffeur. Maar gelukkig zijn ze niet allemaal het zelfde en sommige vragen een goede/redelijke prijs en krijgen daardoor ook gauwer een tip van ons. We hebben af en toe hele gesprekken, veelal met handen en voeten, maar soms zelfs in het Engels. De gemiddelde prijs voor een kort ritje is CFA 1000, wat neer komt op ongeveer € 1,50. Maar rijdt een taxichauffeur je helemaal rond en wacht overal totdat je klaar bent, dan ben je natuurlijk meer kwijt. Het beste is altijd om meteen een vast bedrag aftespreken.
Supermarkt
Vlakbij de CVD vindt je hele kleine mini marktjes, maar ook op loop afstand is een wat grotere supermarkt, Auchan, te vinden. Deze maakt deel uitmaakt van grotere keten. Er staat een bewaker bij de deur die alles nauwlettend in de gaten houdt. We zijn hier één van de weinige blanken.Wasjes
Onze vuile was laten we een aantal keren doen door een vriendelijke dame van de CVD. Voor een € 6,00 is alles weer schoon en keurig opgevouwen.

Afval
Wordt nauwkeurig bekeken door de vaste mensen van de CVD, want er kan altijd nog iets bruikbaars tussen zitten. Vooral plastic flessen en karton willen ze graag hebben. Er wordt uitgelegd dat het karton fijngemalen wordt en vermengd wordt met het voer van de dieren. Dat vult de maag goed en kost hun minder echt voer. Rest afval wordt in een ton gegooid en om de zoveel tijd verbrand.

Kerst in Dakar
Vorig jaar waren we in Rabat, Marokko en vierden kerst met onze Nederlandse buren. Dit jaar liggen we met onze boot als enige Nederlanders in de baai. In dit land is totaal geen sprake van enige kerstsfeer en we missen dan ook het kerstgevoel. We hebben totaal geen zin om de boel een beetje te versieren en besluiten om het maar zo te laten, dat komt volgend jaar wel weer! In Spanje hebben we een soort van Kerststol gekocht die heel lang houdbaar is. Tijdens de feestdagen peuzelen we deze lekker op met roomboter uit blik! Om toch iets aparts te eten op 1e kerstdag maken we een groot blik met “Casserol de Canard” open (gekregen van mijn vriendin Ludmilla). Samen met wat aardappelpuree uit een pakje hebben we toch nog een soort van kerstmaaltijd! Het ziet er misschien wat bleekjes uit, maar het smaakte erg goed.

 

Tandarts bezoek
Op 2e kerstdag (hier wordt deze niet gevierd en is alles gewoon open) gaan we op zoek naar een betrouwbare tandarts want bij Fred er is een stukje van zijn tand afgebroken. Via internet vinden we een tandarts die ons het meeste aanspreekt, sosdentiste.groupemak.com
We nemen de taxi naar het adres, maar dit blijkt niet helemaal juist te zijn. Met een beetje rondvragen in de buurt blijkt dat de tandarts onlangs verhuist te zijn naar een nieuw gebouw. We kunnen meteen geholpen worden, maar moeten wel eerst even betalen. De tandarts spreekt zeer goed Engels en verteld ons dat hij in Amerika gestudeerd heeft en getrouwd is met een Amerikaanse die daar nog woont. Hij werkt een aantal dagen als tandarts en is daarnaast is hij ook nog eens piloot. Het is zijn eigen praktijk en hij heeft 15 mensen in dienst. Trots als hij is, laat hij ons de overige kamertjes zien die er erg netjes uitzien. Hij repareert zorgvuldig de tand van Fred en wordt hierbij geassisteerd door twee mannen, die keurig met handschoenen aan werken. Het is een goede betrouwbare tandarts en de kosten zijn, 26.000 CFA (€ 40,00) voor deze behandeling  en vallen dus reuze mee. Tandarts Abdel Kader Bengeloun, bevindt zich in de wijk Sacre Coeur 3, 9071 Rue SC 39, Dakar. Telefoonnummer: +221 776386250. sosdentiste@orange.sn

 

CVD en ankerplaats
Er liggen in deze baai boten met de Franse, Amerikaanse en Senegalese nationaliteit voor anker. De meeste boten zien er uit of ze hier al jaren liggen en dat is dan ook zo. Verlaten, vervallen en sommige bewoond door lokale mensen. De overige boten zitten ook dik onder het rode zand, waardoor zelfs de nieuwkomers er uit zien alsnog ze hier al een eeuwigheid liggen. Moussa is een aardige man die werkt voor de CVD en met zijn bootje, als watertaxi, heen en weer vaart tussen de zeilboten. Hij controleert minimaal 1x per dag of alles goed is en of je hulp nodig hebt. Regelmatig maken we gebruik van zijn bootje, maar soms neemt hij alleen ons afval of de was mee naar de kant.
We nemen met vaste regelmaat een biertje in het clubgebouw en je kunt er goed eten voor weinig geld. Er komen interessante mensen daar, maar helaas verloopt de communicatie, door ons gebrekkige Frans, wat moeizaam. Zo ontmoeten we een Spanjaard die op de motor door Afrika trekt en zijn tentje op het terrein heeft mogen opslaan en een Zwitserse dame die op bezoek is bij haar broer die hier al een poosje verblijft.

Ontmoeting met vissersmannen

Op het strand raken we in gesprek met Sam een visser die redelijk goed Engels praat. Hij nodigt ons uit om bij zijn bevriende visser Ibrahim, die een hutje heeft op het strand, thee te drinken. Ibrahim spreekt alleen Senegalees en Frans. Met een paar woorden Frans komen we toch al een eind en de rest wordt door Sam vertaald. Ze vertellen over het leven als visserman en dat er soms een visser niet meer terug komt van de zee. Nu verbaasd ons dat niet, want als je ziet met wat voor bootjes zij de zee trotseren is het echt een wonder dat er niet meer verdrinken. Ibrahim heeft slecht 2 theeglaasjes dus krijgen we om de beurt een mierzoet kopje thee. Ze houden van zoet hier! Dit soort ontmoetingen zijn erg leuk en zo krijgen we een kijkje in het leven van een visserman. Bij ons afscheid krijg ik 2 kleine geluk schelpjes van Ibrahim dat ik erg lief vindt. De volgende dag laat ik het armbandje zien waaraan ik het schelpje heb gemaakt, wat hem een grote glimlach op zijn gezicht bezorgd.

Ontmoeting met vrienden uit Nederland
Mijn lieve vriendin Bintou komt uit Gambia/Senegal en is op vakantie met haar gezin in Dakar. Een mooie gelegenheid om elkaar te treffen en een afspraak is gauw gemaakt. Haar man Mathijs haalt ons samen met haar broer op bij de CVD. Hun appartement ligt in Yoff, dat is helemaal aan de andere kant van Dakar. Na ruim 30 minuten in de taxi kunnen Bintou en ik elkaar weer omhelzen. Wat is het fijn om elkaar weer te zien.
We brengen daar de middag door, samen met haar kinderen en nog een heleboel andere familieleden. In Senegal en Gambia is er altijd wel familie over de vloer en veelal eten ze ook allemaal mee. We gaan een wandeling langs het strand maken, wat op loopafstand is van hun appartement. Fred gaat ook nog even met Bintou en andere familieleden geld pinnen en wat boodschapjes doen. Bintou legt Fred uit dat hij wat afstand moet nemen van hun groepje anders betalen ze veel meer voor de boodschappen. Blanke mensen betalen sowieso meer dan de lokale. Alweer een duidelijk voorbeeld dat blanken gediscrimineerd worden in dit land. Ze gaan er gewoon vanuit dat je rijk bent omdat je blank bent. Daarna genieten we van een echte Senegalese maaltijd. Het is een gezellige drukte in het appartement van rondrennende kinderen en in verschillende talen(dialecten) pratende mensen. De familieleden van Bintou kunnen niet begrijpen dat we met een eigen zeilboot helemaal van Nederland naar hier gevaren zijn. Ondanks de taalbarrière, Frans is niet echt onze taal, lukt het ons toch om samen met Bintou’s vertalingen uit te leggen hoe ons leven nu aan boord is. We laten filmpjes zien van de overtochten, waarop de familie met ongeloof reageert. Erg leuk om zo deel uit te maken van haar familie, we horen er helemaal bij.
Op een andere dag zien we elkaar weer en ook dan eten we weer gezellig mee. Bintou heeft haar haar op de Afrikaanse manier laten vlechten (dat kost één dag). Ze maakt met behulp van gekleurd nep haar ook twee vlechtjes in mijn haar. Ik krijg ook een hele mooie lap stof van haar om een echte Afrikaanse rok mee te kunnen maken. Super lief! Ze had het liefste een rok laten maken voor mij, maar wegens tijdgebrek is dat niet gelukt. We hebben een naaimachine aan boord, dus ga ik zelf aan de slag. Dan is de tijd om weer afscheid te nemen en knuffelen we elkaar nog eens stevig. Het zal wel een poosje duren voordat we elkaar weer zien. Maar het was wel bijzonder om elkaar in haar eigen land te treffen! We zullen jullie missen!

Oud & Nieuw vieren
We zijn de enige Nederlanders tot vlak voor Oud & Nieuw, dan verschijnt er ineens een andere zeilboot, de Immaqa. Op de ochtend na hun aankomst varen Iris en Koen met hun dinghy langs onze boot. Ze herkennen de naam van de boot van het boek de Green Miles. Het is altijd leuk om contact te hebben met andere Nederlanders, zeker hier. We vertellen hun het één en ander hoe het hier toe gaat. Waar ze kunnen inklaren, taxi’s, geld pinnen etc. Morgen, op oudejaarsavond, is er een groot feest met muziek en eten in het clubgebouw en we spreken af om met z’n vieren daar heen te gaan.
We hebben geen al te hoge verwachtingen wat betreft het vieren van het oudejaar hier, maar we gaan met een “open mind” naar de kant toe. Samen met Koen en Iris arriveren we in het clubgebouw waar allerlei tafels en stoelen buiten neergezet zijn. Grote speakerboxen worden geplaatst en niet veel later schalt de Reggie muziek over het terrein. Er is eten op één van de tafels uitgestald en er is speciaal een dame die de borden opschept. De mensen hebben zich allemaal bijzonder netjes aangekleed. Zo zien we Moussa keurig in het pak, weer wat anders dan de tot de draad toe versleten trui. Allemaal vrolijke gezichten, gezellige sfeer en de drank vloeit rijkelijk. We worden al gauw aangestoken door de muziek en dansen lekker mee op de muziek. Een paar minuten voor 12 beginnen wij met z’n vieren spontaan afte tellen (hoe Hollands kan je zijn) en al gauw doen er meer mensen met ons mee. Klokslag 12 uur wensen we elkaar een gezond en gelukkig 2018 toe en worden we van alle kanten omhelsd en gezoend. Er wordt zelfs vuurwerk afgeschoten en de kinderen staken al een paar uur rotjes e.d. af. Het feest gaat nog enkele uren door en wij zoeken na een paar uurtjes toch maar ons bedje op. Het was een bijzondere avond om in Senegal oudejaarsavond te vieren.

Ontmoeting met andere zeilers
We spreken Koen en Iris van Immaqa regelmatig en zij vertellen dat ze onderweg naar Dakar, net als wij,  ook pech hebben gehad met hun stuurautomaat. Onze oude stuurautomaat hebben we bewaard als reserve en laat dit nu dezelfde zijn die zij hebben. We lenen deze stuurautomaat aan hun uit, zij hebben hem meer nodig dan wij. De onderdelen die nodig zijn om die van hun te maken worden besteld en door vrienden meegenomen uit Nederland. We vertellen Iris en Koen dat ons plan is om naar Banjul, Gambia te varen en daar de rivier op te gaan. Ook zij hebben het zelfde plan en we besluiten om op dezelfde dag te vertrekken en gelijk met elkaar op te varen.

Klusjes en overige dingentjes?
De stuurautomaat konden we gelukkig redelijk gemakkelijk weer repareren. De lekkage van het water bij de motor was veroorzaakt door een gaatje in het waterlock. Deze was tegen een stang gaan jutteren (was niet goed bevestigd door de monteurs die de motor hebben geïnstalleerd) waardoor er een gaatje ingesleten was. Ook dit hebben we gelukkig kunnen repareren.
We hebben geprobeerd de boot schoon te maken, maar de volgende dag lag er net zoveel zand. Zucht, onbegonnen werk.
We hebben de watermaker uitgeprobeerd en deze doet het naar tevredenheid! Dat scheelt een hoop gesjouw met waterflessen.
Ons groen/rood boeglampje is onderweg stuk gegaan en daarvoor hebben we opnieuw een stuk draad moeten trekken om dit te herstellen. Weer een klusje van de lijst af!
We hebben onze zeilpakken schoongemaakt, uitgespoeld en te drogen gehangen.

De dag voor ons vertrek gaan we met z’n vieren met een taxi naar de havenpolitie om uit te klaren en naar een benzinestation om diesel te tanken. Hiervoor namen wij 4 en zij 2 jerrycans mee en met de taxichauffeur spreken we een vast bedrag af om heen en terug te rijden. Het is een beetje krap en behoorlijk warm met zijn 5 personen in de taxi. Op de heenweg neemt de taxi een “short-cut” over een zandweg met veel kuilen en gaat daar al meteen door zijn vering heen. Dat beloofd wat voor de terug weg wanneer alle jerrycans gevuld zijn, want dan moet hij niet alleen 5 personen vervoeren, maar ook nog eens 130 ltr diesel! Bij de havenpolitie moeten we wachten op de dame van het kantoor. Er staat een groepje beambten te ouwehoeren met elkaar en er staat een tv luid aan. Na 15 minuten vraag ik maar eens hoelang het nog gaat duren, maar dan blijkt dat de dame allang weer terug is…… Ze laten ons gewoon wachten zonder iets te zeggen. De stempel is in een paar tellen gezet en we kunnen weer vertrekken. Op weg naar de benzinepomp, te temperatuur is inmiddels gestegen naar ruim over de 30 graden en het is even afzien in de taxi. Dan blijkt dat we niet kunnen pinnen bij de pomp en moeten alles cash betalen. Op de terugweg begint de taxichauffeur ineens over het extra gewicht en wil meer geld voor zijn ritje hebben, maar we houden voet bij stuk, afspraak is afspraak, hij wist dit van te voren. Hij blijft door mopperen tot aan de poort van de CVD en ook nadat we alweer buiten staan. We zijn er klaar mee, dat gezeur! Bij de CVD staan er meteen bereidwillige dragers voor ons klaar, ons vaste mannetje en een onbekende man, die sjouwen ongevraagd de jerrycans naar de dinghy’s toe. Onderweg op de steiger zegt de man achter mij “I love you so much, will you merry me? Bij de dinghy aangekomen wordt dit mannetje nogal handtastelijk en wil ons (Iris en mij) zoenen. Ik vind het genoeg geweest en maak heel duidelijk dat ik hier niet van gediend ben. De fooi die het onbekende mannetje krijgt is natuurlijk niet genoeg en het begint nu echt vervelend te worden. We negeren hem verder en vertrekken met onze dinghy’s naar de boot.

Gezondheid
Sinds we in Dakar aangekomen zijn we begonnen met hoesten en niezen. De luchtvervuiling in Dakar is echt heel erg en van roetfilters hebben ze hier nog nooit gehoord. Deze atmosfeer is niet goed voor onze longen. Al het stof en het fijne rode zand wat overwaait uit de Sahara, zorgt voor droge neuzen en schrale kelen. Nee, dit is niet de meest gezonde plek op deze aardbol. Eigenlijk willen we hier maar gewoon weer snel weg.

Algemene indruk van Senegal
Wat wij tot nu toe hebben ervaren is dat Senegal een beetje tegen valt. Dakar is een grote vieze en veel te drukke stad. Er heerst veel chaos en de mensen zijn wat stug. Meestal willen ze iets van je en lopen vaak ongevraagd met je mee en willen hier dan ook nog eens geld voor hebben. Dit begint op een gegeven moment toch echt vervelend te worden. Natuurlijk zijn er leuke momenten geweest en hebben we nog lang niet genoeg van Senegal gezien om een goede mening te vormen, maar Dakar is in ieder geval niet een plek waar we (als we dat al zouden doen) vaker heen zouden gaan.
Op naar Gambia!

Senegal: Eerste kennismaking met Dakar

Toen we gisteren aankwamen hing er al een waas boven het water, waardoor het land slecht zichtbaar is. Helaas is het vandaag niet veel anders en onze boot ligt dik onder het rode zand. Dit als gevolg van een zandstorm die vanaf de Sahara richting de Kaap Verde waait.

De dinghy gaat het water en we roeien naar de steiger toe. We zien dat er voornamelijk Franse boten voor anker liggen, één Amerikaanse boot en een aantal verlaten half vergane boten. De steiger is al een bezienswaardigheid op zich, gemaakt van oude planken van verschillende afmetingen en overhellend naar één kant. Je moet dus goed uitkijken waar je je voeten zet. Op het strand is het een wirwar van kleine bootjes, houten schotten en afdakjes waaronder schijnbaar mensen vertoeven. Aan de waterkant zien we een brede rand van afval, voornamelijk plastic, wat zich genesteld heeft in het strand. Een triest gezicht! Ook hangt er een indringend vis en afvallucht. Er lopen hier ook veel honden rond en een aantal katten.

We kijken een beetje vragend om ons heen, het is niet duidelijk waar dan wel het gebouwtje van de CVD is. Op het strand worden we heel vriendelijk begroet, in het Frans, door een stel vissers. Ze wijzen ons de weg naar een roestig hek , daar worden we meteen door een onverstaanbaar Frans sprekend mannetje opgevangen. Het terrein waar we op uit komen is, wat je kunt noemen nogal chaotisch en verkeerd in een zeer vervallen staat, vergane glorie zullen we maar zeggen. Het mannetje mompelt wat en wijst ons naar de uitgang waar we een taxi kunnen vinden. Bij het hek treffen we een Engels sprekende man aan die ons verteld dat eerst naar het kantoortje van de CVD moeten en wijst ons het gebouwtje. Het blijkt dat het onduidelijk pratende mannetje niet echt bij de CVD hoort, hij hangt slechts op het terrein rond en wordt gedoogd. In het gebouwtje worden we vriendelijk ontvangen door iemand die een beetje Engels spreekt en even later handelen we alle papier werk af, betalen hoeven we pas bij ons vertrek. We krijgen de WIFI-code en de adressen van de politie en de douane waar we heen moeten om ons in te klaren. Op weg naar een taxi worden we op het CVD terrein nog even staande gehouden door mama Nnagi, wie we later voor het gemak maar het “pinda-vrouwtje” noemen. Ze verkoopt zakjes met geroosterde zoete pinda’s en pindarotsen van stroop. We krijgen een stukje om te proberen, want we moeten eerst nog geld wisselen/pinnen voordat we iets kunnen kopen. De taxi standplaats is vlakbij, linksaf vanaf het toegangshek van de CVD, daar treffen we de gele taxi’s aan. We spreken een bedrag af om naar de politie en douane te rijden en retour naar de CVD. Wanneer we de wijk uitrijden kijken we al onze ogen uit. Het ligt veel zand op en naast de weg, overal ligt afval, kleine huisjes waar diverse winkeltjes/bedrijfjes in gevestigd zijn en straatverkopers die alles wat maar verkocht kan worden verkopen (van toiletpapier tot zakjes met water). Er heerst een chaotische sfeer, auto’s rijden toeterend kris kras door elkaar en soms komen we zelfs een tegenligger aan onze kant tegen. Er rijden 5 auto’s naast elkaar waar er “normaal “ maar 2 mogen rijden, mensen steken op gevaar van eigen leven de straat over en we worden door brommers links en rechts ingehaald. We steken een treinrails over waarvan we ons in eerste instantie afvragen of deze überhaupt nog in gebruik is. Geiten en schapen lopen los op straat en er branden kleine vuurtjes naast de rails. Onze eerste indruk van Dakar: chaotisch, vies en vuil.
We hebben nog geen geld, dus de 1e stop is geld pinnen, we hebben geluk deze automaat accepteert de creditcard van Fred ( VISA-card). Het adres van de havenpolitie is Môle 8 en de douane Môle 10, deze gebouwen liggen ongeveer 20 minuten rijden van elkaar. Onze 2e stop wordt de havenpolitie, waar we een trap op moeten en een aantal mensen in uniform bij één bureautje iets onduidelijks doen. We worden doorverwezen naar een klein kantoortje alwaar een dame onze paspoorten en overige papieren nauwkeurig bekijkt. We doen ons uiterste best om zo goed mogelijk te communiceren met het beetje Frans wat we kunnen spreken, uiteraard altijd met een grote glimlach op ons gezicht. Het kost ongeveer 30 minuten voordat we de papieren weer terug krijgen en een stempel in ons paspoort en een document dat we één maand mogen blijven. Onze 3e stop is de douane welke gevestigd is aan de havenkant op een met slagboom afgesloten en door een militair bewaakt terrein. Fred wil gewoon langs de slagboom lopen maar wordt meteen op zijn vingers getikt, dat gaat zomaar niet. Wie denken we wel dat we zijn en waar willen we heen vraagt de bewaker van het terrein. Er zijn strikte regels blijkbaar. Na onze verontschuldiging aangeboden te hebben mogen we doorlopen naar een gebouwtje en niet veel later zitten we in een stoffig kamertje voor een ambtenaar die een klein beetje Engels begrijpt. Wat hebben we hier nodig kopieën van paspoort, formulier van de politie en van onze bootpapieren. De man kan (wil niet) geen kopieën maken, Fred moet maar even naar de overkant. Uit de pinautomaat heeft hij alleen groot geld gekregen en geen muntjes om te kunnen kopiëren. Niemand kan wisselen, dus loopt Fred terug naar de taxi en wisselt met de chauffeur. Ondertussen schrijft de man onze gegevens over in groot schrift en scheurt een deels er uit wat voor ons bestemd is. De ambtenaar vraagt mij of Fred en ik getrouwd zijn, waarop ik zeg dat Fred zowel mijn vriend als lover is. De man glimlacht breed en hiermee de belangstelling dan ook over. Na 15 minuten komt Fred met 2 kopieën voor 100 CFA (15 cent)!!  Onze paspoorten liggen op het bureau wanneer de ambtenaar ons verzoekt mee te gaan naar boven. Ik gris snel onze paspoorten van tafel, want die laat ik hier toch echt niet zomaar liggen! We moeten 5000 CFA betalen om het formulier te ontvangen en krijgen een reçuutje. Dan zijn we eindelijk klaar.
We wandelen terug naar de hoofduitgang en zeggen de bewaker vriendelijk gedag! In de taxi leggen we uit dat we nu ergens heen willen om simkaartjes voor Internet te kopen. We rijden weer dezelfde weg af en midden in een drukke wijk stop de taxi bij een vestiging van Orange. Er staat een grote wagen van Orange voor de deur en er hangen een heleboel mensen rondom. Hier koopt Fred 2 simkaartjes en dit duurt aanzienlijk langer dan we gewend zijn. We moeten onze paspoorten laten zien (originele) en alle gegevens worden overgenomen. Onze telefoons gaan van hand tot hand (goed opletten wie hem heeft), maar na meer dan 30 minuten is het dan eindelijk geregeld. Later blijkt dat de verkoper mijn nummer in zijn mobiel heeft gezet, want ik word een aantal keren gebeld en krijg ineens een WhatsApp van deze verkoper van de simkaart! Het is al ruim in de middag en we hebben erge honger gekregen. We vragen aan onze taxi chauffeur waar we iets kunnen gaan eten en omdat hij zo geduldige en behulpzaam is geweest, nodigen we hem meteen uit. De taxichauffeur heet Serge en neemt ons mee naar een “Westers” restaurant “Le Dagorne”, vlakbij de markthal Kermel ?? We doen ons tegoed aan een lekkere maaltijd en proberen de conversatie op gang te houden met onze taxichauffeur, wat echt niet meevalt omdat hij geen Engels kan en wij nauwelijks Frans. Dan is het tijd om terug te rijden naar de VCD en bij aankomst betalen we hem uiteindelijk een bedrag van 14000 CFA, wat ongeveer € 21,00. We worden onthaald door een medewerker van de CVD (herkenbaar aan zijn shirt waar CVD op staat), hij blijkt Moussa te heten. Moussa is een klein stevig mannetje met een vriendelijke glimlach die soms achter een klein tafeltje zit midden op het terrein. Hij is ook degene die de watertaxi bediend en wil ons graag terug brengen naar de boot. Onze dinghy wordt achter de houten boot gehangen en even later zijn we uit geblust van alle indrukken weer aan boord. Moussa wilde niets hebben voor het transporteren, dat komt later wel zei hij. Dit was pas onze 1e dag en de kennismaking met Senegal!

Oversteek Tenerife – Dakar, Senegal

De ochtend van vertrek, donderdag 14 december 2017
De storm is gaan liggen en de wind is nu nog maar 16,5 knopen, wat aanzienlijk minder is dan de afgelopen dagen. Volgens Radboud van de “Stayer” kunnen we beter nog een dagje wachten, want dan zouden we minder last hebben van de “Swell”(hoge golven, de naweeën van de storm). We bekijken de laatste weersverwachting en komen dan tot de conclusie dat vandaag toch de beste dag is om te vertrekken. De wind zal in de komende dagen veel af gaan nemen en we hebben 7 tot 8 dagen te gaan tot Dakar. Het lijkt ons een goed plan om voor de kerstdagen daar te arriveren. Onderweg zullen we nieuwe weerverwachtingen binnenhalen via de satelliet.We gaan nog éénmaal naar het havenkantoor om het laatste havengeld te betalen en om te kijken of het nog te verwachte “Kerst” pakketje van Ludmilla toch is gearriveerd. Helaas nog steeds niet binnen gekomen! De havenmeester belt met de post en dan blijkt dat het pakketje ergens rondzwerft en het onbekend is wanneer het hier zal zijn. Daar kunnen we alleen niet langer op wachten en dat is wel een domper, voor zowel de verzender als voor ons ontvangers. We spreken af met de havenmeester dat hij het terug zal sturen naar de afzender. Ben benieuwd of we hier nog wat van horen! We lopen nog even langs de watersport zaak van Mark (een Nederlander), die sinds kort in de haven gevestigd is. Helaas heeft hij de door ons gevraagde spullen nog niet binnen gekregen, jammer dan.Vervolgens nemen we (nu alweer voor de 3e keer) afscheid van Nick en Anne van de “Malok”. Die zullen we zeker terug zien in de Carieb. Ook Radboud komt nog even bij ons aan boord om afscheid te nemen en we hopen ook hem ergens ter wereld weer te treffen. Hij helpt ons bij het vertrek met de landvasten en zwaait ons gedag vanaf de steiger. Het is bijna 14:30 uur wanneer we de haven van San Miguel verlaten. Het zonnetje schijnt en we merken al gauw dat de golven nog aardig hoog zijn. Omdat ik altijd even tijd nodig om “in te slingeren” vind ik het wel prettig om te sturen. Zodra we iets verder op zee zijn hijsen we de fok en zetten de koers tussen de 180-200 graden.
Helaas blijkt de Swell toch meer dan we verwachten en wanneer we de stuurautomaat instellen voor de avond. We slingeren van hot naar her, niet de beste manier om zeeziekte te voorkomen kan ik je wel vertellen. Het blijkt dat de stuurautomaat teveel moeite met deze golven heeft en dat betekend dus dat we zelf moeten sturen. Fred gaat eten maken, maar daar hoef ik al helemaal niet aan te denken. Morgen gaan we de stuurautomaat goed instellen, dat zal een hoop schelen.
De 1e nacht:
De zon gaat onder, altijd een mooi gezicht. Het is nieuwe maan, waardoor het een stikdonkere nacht is. Wel verschijnen de eerste sterren aan de hemel. Het lijkt op een schilderij van Vincent van Gogh. Eerst een paar grote hele felle sterren, dan een paar om de sterrenbeelden te vormen en vervolgens heeft hij nog een handvol met glitters over het doek uit gestrooid. Werkelijk een prachtig gezicht, zoveel sterren zie je in de buurt van Nederland niet met alle lichtvervuiling daar. De golven zijn behoorlijk en dat maakt het zelf sturen erg zwaar is. Er komt meer bewolking waardoor we ook de sterren minder zien. Jammer! Dachten we, door nog zuidelijker te gaan, dat het warmer zou worden, nou niets is minder waar. We zijn blij dat we de zeilkleding nog niet opgeborgen hebben.
Naast een legging, T-shirt, vest, zeilbroek en zeiljack heb ik ook maar mijn “bontmuts” op gezet en handschoenen aan gedaan. Het zijn koude en vermoeiende uurtjes.

Dag 2, vrijdag 15 december 2017
Elke ochtend haalt Fred zijn mail en de nieuwe Grib-files voor het weer binnen. Tevens geeft hij dan onze positie door aan de website. Op onze website kun je dan precies zien waar wij ons bevinden.
http://www.sailingpegasus.nl/index.php?P=cms/pages/locatie&naam=Positie
Overdag is de zee redelijk rustig en gebruiken we de stuurautomaat. We halen de Spaanse en Canarische Eilanden vlag naar beneden, althans wat er van over is na ruim 9 maanden wapperen.

Er zijn minder hoge golven, waardoor we weer een beetje bijkomen, al hoewel ik me nog lang niet goed genoeg voel om echt te kunnen eten. Een grote groep dolfijnen komt ons vergezellen, dat maakt ons altijd weer blij. We zien slechts 3 boten, wat een verschil met de Noordzee! De nacht is slechter, golven nemen weer toe en we moeten weer zelf sturen omdat de boot anders alle kanten op gaat. Eén van de twee jerrycans die in het gangboord staan valt om, wat betekend dat Fred naar voren moet in het donker. In principe gaan we s’nachts nooit naar voren, zeker niet met deze golven. Er was al wat diesel uit de jerrycan gelekt helaas, maar gelukkig kan Fred ze ditmaal stevig vastzetten. Ons toplicht heeft het ineens begeven, we gaan over tot andere verlichting.

Dag 3, zaterdag 16 december 2017
We willen de Genua uitbomen, maar onze boom is zwaar en functioneert niet meer helemaal naar behoren. We zijn al enige tijd op zoek naar een andere boom, maar het is nog niet gelukt om er een te vinden. Het kost nu wel wat meer tijd, maar zo goed als het kan maakt Fred de boom vast aan de mast en zeil. Hierdoor klappert het zeil minder en vangt de wind beter. Er vaart een groot vrachtschip achter ons op aanvaringsroute en Fred roept hem toch maar even op aan welke kant hij ons gaat passeren. Fijn dat we naast AIS ook radar hebben, want niet alle boten hebben of zetten hun AIS aan. Er passeren ons 2 zeilboten in de verte. Dan valt de wind weg en wordt de temperatuur iets aangenamer. Vanaf 12:00 – 22:00 uur varen weer op de motor met stuurautomaat. Eindelijk lukt het me om weer “normaal” te eten. Kit is ook niet erg blij de eerste dagen, al dat heen en weer geslinger. We hebben voor Kit een nieuwe halsband gekocht, één die licht geeft en oplaadbaar is, waardoor hij nog beter te zien is in het donker. We willen beslist niet dat hij buiten in de kuip komt, maar af en toe steek hij toch even zijn koppie naar buiten. Het blijft een koude nacht, dus nog steeds zeilkleding aan. We gaan gemiddeld 4 á 5 knopen. Beide hebben we een goede wacht en kunnen ook een beetje slapen tijdens de rust uurtjes.

Dag 4, zondag 17 december 2017
We zijn helemaal alleen op zee, geen boot meer te zien, zelfs geen vogels of dolfijnen. Kunnen we alvast wennen aan de nog grotere oversteken. We varen een deel op het zeil en een aantal uren op de motor. Het is weer bewolkt en nog steeds koud, zelfs overdag. Voor Kit is het de eerste dagen vreemd dat we in de salon slapen, maar hij raakt er nu al aangewend. De ene baas gaat slapen en dan gaat de andere baas naar buiten toe. Hij strekt even zijn pootjes om zich vervolgens weer op te rollen tegen een ander baasje die gaat slapen. Voor ons vertrek hebben we een bakje met graszaadjes gekocht voor Kit. Nu komt het gras een beetje op en kan Kit, zittend onder de buiskap, er veilig aan snuffelen.

Dag 5, maandag 18 december 2017
Vandaag een bewolkte dag en een zeer woelige zee. We zijn echt een illusie armer door te denken dat het een warme overtocht zou zijn en we geen zeilkleding meer nodig zouden hebben. Vandaag zijn er veel dolfijnen rondom de boot. In de middag horen we een geluid bij het roer maar kunnen het niet thuis brengen. We hebben de fok verder uitgedraaid, de boom uitgeschoven en deze maar vast gezet met installatiedraad. Stevig genoeg voor nu! De boom functioneert nu goed, maar we zullen één grijper moeten vervangen en iets aan de borging moeten doen. Tijdens de wacht van Fred breekt de bevestiging van de stuurautomaat af van de boot, daar kwam dat geluid van eerder van vandaan. Ik neem het roer over zodat hij de schade op kan nemen. Voor zover Fred het kan zien lijkt het er op dat een steun is afgebroken, die zal opnieuw gelast moeten worden. Voor de veiligheid koppelt Fred de automaat helemaal los. Omdat we allebei erg moe zijn van de afgelopen dagen besluiten we toch maar de windvaan te gebruiken, ondanks dat we op de motor varen. Het is even een gepiel om deze goed in te stellen, maar na een poosje glijdt de Pegasus op de windvaan door de golven.

Dag 6, dinsdag 19 december 2017
Weinig zon, hele dag in zeilkleding. Vandaag hebben we een bijzonder moment, de positie is bijna gelijk van Noord en West. Wederom zien we dolfijnen vandaag en deze maken er vandaag echt een ware show van. Enkele dolfijnen springen in de lucht, andere maken grote klappers met hun staart op het water. Ze hebben er echt plezier in. Ik voel me vandaag weer niet lekker, heb buikkrampen en moet vaak naar het toilet en ook de kleur van mijn urine bevalt me niet. Het zal zeker komen doordat ik te weinig gegeten en gedronken en mijn medicatie niet heb kunnen nemen. Ik moet meer drinken! Bijkomstigheid is dat ik zo wel lekker afval, al is dit nu niet de beste manier! Tijdens de wacht van Fred breekt een lijn van een aanknopingspunt van de windvaan. Fred maakt me wakker en ondanks de hoge golven vervang ik de lijn, waardoor we tenminste weer verder kunnen op de windvaan. De wind is aardig toegenomen en af en toe krijgen we ongevraagd een hoge golf over en de gratis bijbehorende douche! We zetten nu wel onze vraagtekens bij de juistheid van de voorspellingen van het weer. Onze ervaring nu is dat we bij de voorspelling zeker 5 á 10 knopen bij op moeten tellen.
Dag 7, woensdag 20 december 2017
We moeten de koers een stuk verleggen want de golven worden te hoog en er komt teveel water over de kuip heen. De windvaan doet nu zijn werk goed en wij besluiten om binnen te gaan zitten en van daaruit alles in de gaten te houden. Het zou beter weer worden, maar ook dit is niet goed voorspeld. Om 14:00 uur kunnen we eindelijk weer richting de oude koers sturen. Fred gaat eten maken en zodra hij binnen is roept hij naar mij dat de keuken blank staat. Ik krijg meteen allerlei visioenen van gaten in de boot, waardoor er zeewater naar binnen stroomt. Hij opent een vloerluik en ziet dat het water erg hoog staat en zet meteen de pomp aan. Dit gaat niet snel genoeg en daarom gebruikt hij ook de slang van de lenspomp. Het blijkt gelukkig zoetwater te zijn, afkomstig uit een losgeschoten slang van een extra waterfilter die onder het aanrechtkastje zit. Hierdoor heeft onze zoetwaterpomp vrolijk al het water uit de voorste watertank op de keukenvloer gepompt. We pompen ruim 100 liter water uit de boot, wat een verspilling. De schade valt mee, voor zover we op dit moment kunnen bekijken. De laatste liters schep ik handmatig onder de vloer vandaan. Door dit hele gebeuren is ons ritme geheel verstoord en besluiten we om over te stappen op een wacht van 2 uur op en 2 uur af. Bij zonsopgang zien we ineens een vis op de bank van de kuip liggen. Het is een vis met vinnen die veel weg heeft vleugels, waardoor ze instaat zijn om enige tijd boven het water te zweven. Deze zogenaamde vliegende vis is een veel voorkomend verschijnsel wanneer je oceanen oversteekt. Deze had een afslag gemist en was met zijn koppie tegen de bank aan geknald. Overdag zien we nog tientallen van deze vissen naast de boot over het water “vliegen”.
Dag 8, donderdag 21 december 2017
De laatste dag van onze tocht is aangebroken. Ineens is druk en worden we ineens omringd door 5 boten. Eén daarvan sleept een gigantische drijvende kerstboom achter zich aan, waardoor de lucht fel verlicht wordt. We kunnen een hele poos genieten van deze verlichting in de donkere nacht. Vanaf 6:00 uur blijven we allebei maar op en hebben weer een vliegende vis aan boord. Niet veel later ontdek ik ook nog een mini inktvis, die door een golf aan boord gespoeld is.
Om 11:00 uur hijsen we de gastenvlag van Senegal en aan de andere kant de gele vlag voor de douane.

We passen de route nog een beetje aan voor het laatste stuk naar Dakar. Fred ziet dat de dieselmeter wel erg laag staat, wat hem bevreemdt. Maar om geen risico te lopen besluit hij om de beide reserve jerrycans met diesel in de tank te legen. Later zullen we moeten bekijken wat de oorzaak hiervan is. We hebben nu een gemiddelde snelheid van 6 knopen. De temperatuur neemt iets toe waardoor wij ons langzaam ontdoen van onze laagjes kleding. Eindelijk kunnen we weer in een korte broek aan. Het duurt een hele poos voordat we land zien en dan nog is het zicht erg slecht. We varen langs Isle de Madeleine, de punt Banc Manuel, het “slaveneiland” Ile de Gorée en de grote commerciële haven van Dakar. Er lijkt wel een waas voor en over het land te liggen.

We zien al meer plastic in de zee ronddrijven, dat beloofd wat! Niet veel later verschijnen de eerste “piroques”, de typische Senegalese houten kleurrijke vissersbootjes. Ze duiken ineens op uit de hoge golven om er net zo snel weer in te verdwijnen. Het zijn lange smalle bootjes met een heel laag gangboord en een hoge boegspriet. Dood eng dat ze daarmee de zee op durven. Vanuit één van de bootjes beginnen een zestal mensen enthousiast te zwaaien en wij zwaaien net zo vrolijk terug. Op de achtergrond doemen hoge torenflats op van Dakar, de hoofdstad van Senegal.
Er is bij Dakar geen haven voor zeiljachten, dus gaan we voor anker in een baai bij de CVD, Cercle de La Voile de Dakar. Je betaald hier om voor anker te mogen liggen en gebruik te mogen maken van de faciliteiten. We naderen de baai en volgen nauwgezet de aanwijzingen van medezeilers die er recent zijn geweest en de Cruising Guide to West Africa. Er moeten een aantal wrakken liggen waar we voor uit moet kijken. Op deze afstand zien we echter nog geen enkele boot. Ik heb het gevoel dat we daar straks helemaal alleen zullen zijn, maar Fred is er van overtuigd dat er zeker meerdere boten zullen liggen. Pas wanneer we er bijna zijn zien we door de waas heen inderdaad enkele andere boten liggen. Nu moeten we echt opletten, het is laag water en het is al heel erg ondiep aan het worden. We zien een aantal houten wrakken half boven het water uitsteken. Wij steken 1.80 mtr. en de dieptemeter staat nu al op 2,40 mtr. Er staat op het moment van ankeren een aardige wind en dat maakt het nog spannender. Na een tweede poging lukt het ons om te ankeren tussen de andere boten. We hebben Europa nu echt verlaten en zijn aangekomen in Afrika, Senegal een land voor nieuwe indrukken. Het is 17:00 uur wanneer we uitgeput maar goed en wel voor anker liggen. Morgenochtend zullen we aan land gaan om in te klaren e.d.

Afscheid van de Canarische Eilanden

De afgelopen weken hebben we de overige eilanden bezocht van de Canarische Eilanden. We hebben een poosje opgezeild met andere Nederlandse zeilers, Asha en John van de “ASHA”, die we hebben leren kennen in de haven van Las Palmas, Gran Canaria. Na ons laatste bezoek aan Valle Gran Rey hebben we afscheid van elkaar genomen en vervolgden onze eigen route. Het was een heel gezellige periode en we hebben een hoop leuke dingen gedaan en gezien. Wij gingen voor de 3e keer, naar San Miguel, Tenerife, om van hieruit te vertrekken naar onze volgende bestemming. De laatste weken hebben we de nodige klussen gedaan en voorraden ingeslagen. We hebben het erg druk gehad waardoor het schrijven van ons blog er een beetje bij ingeschoten is. Hieronder daarom alleen even een overzichtje waar we geweest zijn en wanneer. Op een later tijdstip zal ik deze blogs verder aanvullen.

2017-10-26 Valle Gran Rey, La Gomera – Santa Cruz, La Palma
2017-11-03 Santa Cruz, La Palma naar Puerto de La Estaca, El Hierro
2017-11-12 Puerto de La Estaca, El Hierro naar Valle Gran Rey, La Gomera
2017-11-24 Valle Gran Rey naar, La Gomera naar San Miguel, Tenerife

Vertrekken naar volgende bestemming
Terwijl Nederland onder gesneeuwd is merken ook wij dat de temperaturen zijn de laatste tijd lager dan we gewend zijn. Geen 30 graden meer, maar slechts 24 graden en ook de nachten zijn een stuk koeler, niet meer dan 15 graden. We hebben maar weer een fleece dekentje op ons bed gelegd en ook mijn dikke warme sokken heb ik uit de kast gehaald. Ook een vest is geen overbodige luxe meer en het elektrische kacheltje staat in de ochtend en avonduurtjes alweer te draaien.
Het is dus de hoogste tijd om verder naar het zuiden te gaan en een volgende bestemming op te zoeken. We gaan terug naar Afrika, ditmaal gaan we naar Dakar in Senegal en daarna richting Gambia om daar de rivier op te varen.

Op het moment dat ik dit blog schrijf, 13 december 2017, stormt het behoorlijk bij Tenerife. De afgelopen 3 dagen loopt de wind op tot 40 knopen wind! Voor de leken onder ons is dit windkracht 8 a 9 en heet dit officieel “Storm”. Volgens de weersverwachting op dit moment is de wind morgen zoveel afgenomen dat we wel zouden kunnen vertrekken. Misschien hebben we dan nog wel wat last van de naweeën van deze storm, de zogenaamde swell, maar we willen niet veel langer wachten. De oversteek van Tenerife naar Senegal is ongeveer 800 zeemijl, wat betekend dat we hier ongeveer 7 á 8 dagen over doen en net voor de kerstdagen zullen arriveren. We kijken er naar uit om deze landen te bezoeken en weer een hele andere cultuur op te kunnen snuiven.

Geluiden aan boord

Wat hoor ik toch? Ga toch slapen zegt Fred, het is niets. Nee, hij heeft nergens last van, die hoort nog niet eens de helft van wat ik hoor! Mijn gehoor is super goed en ik hoor altijd alles en wanneer je niet kunt slapen dan vallen alle geluiden in de omgeving des te meer op.
Natuurlijk zijn er geluiden die echt bij een boot horen, dat weet iedere zeiler. Vaak zijn het lijnen van andere boten die tegen de mast aan slaan, omdat ze niet strak gezet zijn. Het piepen en knarsen van de landvasten waarmee de boot aan de steiger vast zit. De stootwillen die tegen de zijkant van de boot bonken en ga zo maar door. Het klotsen van de golven tegen de buitenkant van de boot. Het gekraak van de boot bij hevige wind, klapperende zeilen en het trekken van het anker. We proberen zoveel mogelijk irritante geluiden te reduceren door b.v. onze vallijnen vast te zetten aan de railing en glazen goed in te pakken etc. Maar wanneer je onderweg bent dan besef je pas dat toch niet alles zo goed is vastgezet of opgeborgen.
Aan sommige geluiden raak je wel gewend, zelfs ik! Maar nu hebben we aan boord al maanden een heel vervelend geluid. Wanneer we voor anker liggen en de boot rolt wat heen en weer, horen we iets wat lijkt op een knikker die in een metalen bak tegen de wanden tikt. Naar mate de maanden vorderen neemt mijn ergernis toe en probeer te achterhalen waar het geluid toch vandaan komt. Dit zonder enig succes. Maar nu is het genoeg geweest, mijn irritatieniveau heeft zijn hoogtepunt bereikt, er moet iets aan gedaan worden. Het geluid lijkt uit een loze ruimte te komen bij de kombuis. We schroeven de plaat los en kunnen helemaal niets vinden wat dit geluid zou kunnen veroorzaken. Het plafond moet maar los, dan zal het daar wel zitten zeg ik. Gelaten gaat Fred aan de slag om de schroeven los te draaien van het plafond bij de kombuis. Ik pak een zaklamp en tuur in alle mogelijke openingen en duw tegen de wanden aan, maar nog steeds vind ik niets. Het is om moedeloos van te worden! We schroeven alles wat steviger vast, monteren het plafond weer en wachten af. En ja hoor, het geluid is er nog steeds. Ik vrees dat dit geluid een blijvertje is en dat ik hiermee zal moeten leren leven.

Toen we pas onderweg waren hoorden we een soort van knisperend geluid. Het is wat moeilijk te omschrijven voor niet zeilers, want zeilers weten meestal meteen wat je bedoeld. Het lijkt op een soort bubbelend geluid, alsof iemand bellen blaast. Maar ook op het geluid van een stuk plastic (verpakkingsmateriaal met luchtbelletjes) dat over elkaar gewreven wordt. Allereerst dacht ik dat er iets lekte, maar dat was het toch zeker niet. Of je nu voor anker ligt of in een haven, dat maakt niets uit. Na enige tijd hadden we door wat, of beter gezegd wie, dit geluid veroorzaakte. Het zijn vissen die aan de waterlijn van de boot “knabbelen” om zo de algen te verwijderen. Dat raadsel is gelukkig wel opgelost!

 

La Gomera: San Sebastian – Santiago

Het is weer lang genoeg geweest in een haven, dus tijd om verder te gaan. Op 15 oktober 2017 nemen we afscheid van Wim en Marjorie van de Seagull’ en wensen hen veel succes met alle perikelen. We gaan verder naar het zuiden van La Gomera, naar Santiago. Het is een kort tochtje van maar 7 zeemijl, iets meer dan 2 uurtjes varen op de motor. Er is weinig tot geen wind en prachtig zonnig weer bij ons vertrek. Soepel verlaten we de haven, na gezwaaid door Wim en Marjorie. Het is heerlijk op het water en we kijken er weer naar uit om even voor anker te liggen.Santiago heeft geen haven voor plezierjachten, alleen voor de lokale vissersbootjes en de grote Fred Olsen boten. Er is één strandje in de haven en één strandje net voorbij de pier. In deze rustige baai gaan voor anker op gepaste afstand van nog één andere boot die daar voor anker ligt. Een imposante rots is de achtergrond van dit kleurrijke dorpje. Wanneer we met de dinghy door een kleine branding varen naar het strand, komen we uit op een strand met zwart zand met mooie gladde zwarte keien. Ik kan het natuurlijk niet laten om met deze mooie stenen weer een Zen stapeltje te maken. Het is een tic van me, kan er niets aan doen! Jammer genoeg had ik geen fototoestel bij me. Het is een klein vissersdorpje waar een rustige sfeer hangt. De Noorse familie Olsen, is van grote invloed op de werkgelegenheid op dit eiland. De toeristen komen met deze boten aan, kijken een paar uurtjes rond en verdwijnen weer met de boot. Op die momenten is het wat drukker in het dorpje. Er is eigenlijk maar één straat vanaf de haven richting het strand, waar het nog een beetje levendig is. In het centrum bij het Plaza del Carmen staat een gigantische grote boom die zo gesnoeid is dat hij voor een schaduwrijk plein zorgt waar de lokale bevolking samenschoolt en bordspelletjes speelt.

We doen boodschapjes en wandelen door het dorpje langs het strand en komen uit bij een bijzonder eettentje “ Bar Terraza La Chalana. We raken aan de praat met enkele lokale mensen die ons, in een mix van Engels en Spaans vragen of we hier in een hotel verblijven. We vertellen dat we met een zeilboot hier zijn gekomen vanuit Nederland en wijzen vervolgens trots naar onze Pegasus die in de baai ligt. Dat is toch wel bijzonder, helemaal uit Nederland. Ze vragen waar de reis heen gaat en voor het gemak zeggen we de Carieb. Dan wil de serveerster wel met ons mee als verstekeling.

We doen verder niet zo heel veel, beetje lezen, blog schrijven, zwemmen en Paddle boarden.Van Cynthia, een zeilster die we al een aantal keren hebben ontmoet, kregen we te horen dat het ankeren daar nog weleens onrustig kon zijn. Dat viel ons eigenlijk wel mee, althans zo leek het de eerste dag en nacht. Elke dag werd het schommelen meer en meer, zelfs zo erg dat we ons goed moesten vasthouden wanneer we van de ene naar de andere kant van de boot bewogen. Nu zijn we ondertussen wel wat gewend, maar dit is niet de meest ideale omstandigheid. Voor mij was slapen dan ook een regelrechte ramp. Fred heeft nergens last van heeft, die slaapt altijd en overal. Je lichaam is continu in beweging en zou je hier nu ook nog eens wat van afvallen, dan was het mooi meegenomen, maar zelfs dat niet!Toch houden we het nog 4 dagen vol en dan besluiten we om naar de volgende ankerplek te gaan, Valle Gran Rey aan de westkant van La Gomera.

2017-10-19 Santiago – Valle Gran Rey, La Gomera
Vandaag is het nog geen 10 zeemijl varen, dus doen we het rustig aan. Het is mooi weer en bij ons vertrek zien we achter ons de Teide van Tenerife. We varen van het zuiden naar de westkant van het eiland en zien dat de kust er hier al veel kaler uit ziet. Rond het middaguur passeren we een grote rots die voor de kust ligt. Hier achter ligt het stadje Valle Gran Rey en de baai van Agaga, waar we voor anker zullen gaan. Er liggen al een aantal  zeilbootjes in de baai en we ankeren tussen twee andere boten in.

Valle Gran Rey (vallei van de grote koning)
Het langgerekte dal van wordt omgeven door vrijwel loodrechte rotswanden. Met trots wordt het plaatsje door de lokale bevolking omschreven als het mooiste gedeelte van het eiland. Op de talrijke terrasvormige akkers groeien palm- en andere tropische vruchtbomen en rond de monding van de Barranco; de kloof die op zee uitkomt, bevinden zich uitgestrekte -bananenplantages. In de diverse plaatsjes en gehuchten in de Valle Gran Rey wonen ongeveer 5000 mensen. Het dorp ligt met zijn vele steegjes en witte huizen schilderachtig tegen de rotswand aan, maar de huizen zijn hier vaak alleen te voet en via steile trappen met kinderhoofdjes te bereiken. De tuinen staan vol fruitbomen met mango’s, papaja’s en mispels. In de smalle steegjes beneden in het dorp zijn een paar restaurants, cafés en boetiekjes, maar verder is het hier erg rustig. Het dorp is wel erg gericht op Duitsers, vele winkeliers spreken je meteen aan in het Duits, wat wij als Nederlanders natuurlijk wel een tikkie irritant vinden. Er heerst een beetje “Hippie-achtige” sfeer in het dorpje, je ziet mensen met dreadlocks, in kleurige lange gewaden en blootvoets lopen, muziek maken en sieraden verkopen in kleine boetiekjes. Er zijn een aantal minisupermarktjes, maar er is ook Spar supermarkt (Avenue El Llano) ongeveer 400 meter vanaf de haven, waar we alles kunnen krijgen.

Tussen de middag eten we een keer bij het pizza-restaurant “Sal & Piementa”(ook aan de Avenue El Llano), waar we een heerlijke pizza krijgen. Ik bestelde een zogenaamde Calzone (dubbelgevouwen pizza) met tonijn en andere ingrediënten die behoorlijk groot is. Fred neemt een “gewone” pizza en krijgt een pizza die niet eens op het, toch al, grote bord past. Het is voor het eerst dat Fred zijn eten niet op krijgt en zelfs de helft laat staan. We vragen of de ober deze mee kan geven, wat geen blijkbaar heel normaal is. Het is natuurlijk niet zo slim van deze eigenaar dat hij de pizza’s zo groot maakt. Voor dezelfde prijs had hij ook een veel kleinere kunnen serveren. Hij is een dief van zijn eigen portemonnee op deze manier. Met een veel te volle buik rollen we de heuvel af naar de dinghy en dezelfde avond eten we de andere helft op.
Haven
Er bevindt zich een grote betonnen kade waar de grote veerboten aanleggen, wat wel erg jammer is, maar onvermijdelijk. Ze zorgen niet alleen voor grote golven, waardoor nog kleinere zeilbootjes behoorlijk liggen te rollen, maar ook voor de nodige geluidsoverlast. De generatoren van deze boten blijven de hele nacht draaien, waardoor je een permanent gebrom hoort. Op een dag komt er een nog grotere boot “Armas” de haven binnen gevaren. Hierbij vergeleken lijkt de veerboot van Fred Olsen een klein bootje. Met veel getoeter, kanonschoten en vuurwerk legt de boot aan. Beetje overdreven vinden we, maar later begrijpen we dat dit de eerste keer is dat Armas naar Valle Gran Rey toe kwam.
Het kleine haventje heeft gelukkig nog de authentieke sfeer met vele kleine gekleurde vissersbootjes die aan moorings en op de helling liggen. Er naast ligt een klein strandje met donker zwart zand. Bij het haventje is een restaurantje “Cofradia de Pescadores” waar de lokale bevolking komt eten. Dat is voor ons altijd een teken is dat het eten goed moet zijn en vaak ook niet zo duur! Je krijgt hier verse vis met salade en een flesje wijn voor een zeer goede prijs. We bestelde een klein voorgerechtje, maar dit bleek al zoveel te zijn dat we moeite hadden om ons hoofdgerecht op te eten. Je hebt hier een mooi uitzicht over het haventje en de baai waar alle zeilboten voor anker liggen.
Wat hebben we zoals gedaan
Uiteraard gaan we met de dinghy naar de kant om het dorpje te bekijken en boodschapjes te doen. De buitenboord motor hebben we op de Canarische eilanden nog niet gebruikt. Fred krijgt met heel veel moeite de motor aan, maar hij gaat net zo snel weer uit. We balen, want de BB-motor heeft in Las Palmas net een servicebeurt gehad. Dat wordt roeien naar de haven, maar gelukkig krijgen we op de terugweg een sleepje van onze Franse buren. Zij hebben een kleine dinghy, zeker de helft qua grootte dan die van ons, maar met wat moeite lukt het ze om ons naar de boot te slepen. De dag daarna gaat Fred maar zelf aan de slag om de carburator van de BB-motor schoon te maken. Even later liggen er allerlei onderdelen op de kuiptafel. Maar……………..het lukt. Alles is schoon en weer in elkaar gezet en hij loopt weer als een zonnetje. Wat ze nu aan servicebeurt hebben gedaan in Las Palmas blijft voor ons een raadsel. In het vervolg doen we het wel zelf!

Op één van de dagen gaan we naar het dorpje, leggen we naast de andere kleine bootjes op de helling. Bij onze terugkomst zie ik een rog, van zeker één meter groot, langzaam door het water glijden. Fantastisch gezicht! Verder hebben we bij onze ankerplaats niet zoveel vissen gezien, hoewel ze er wel moeten zijn. Ook in deze baai geven we toe aan onze luiheid, beetje zwemmen, Paddleboarden en lezen. Om ons heen varen af en toe wat kanovaarders en soms zien we een toeristische glazen bodem boot voorbij komen.

Ontmoetingen
Er liggen een aantal boten in de baai, waaronder een stel Nederlanders, Fransen en Duitsers. We ontmoeten een leuk jong stel, Hans en Roos van de SY Vagebond. Zij zijn dit jaar vertrokken uit Nederland om de wereld te verkennen. Wanneer ze langsvaren met hun dinghy houden ze bij onze boot even stil en maken een praatje. Niet veel later komen ze aan boord en worden de nodige ervaringen uitgewisseld. Altijd gezellig om andere zeilers te ontmoeten. De volgende dag gaan zij een dagje op stap met de bus om te gaan wandelen over het mooie eiland. We krijgen een WhatsApp of we hun boot in de gaten willen houden i.v.m. de misschien toenemende wind. Uiteraard is dit geen probleem, zoiets is heel gebruikelijk onder zeilers. Gelukkig verloopt de dag zonder problemen en bij hun terugkomst gaan we nog even bij hun een borreltje doen. We gaan allebei naar het volgende eiland La Palma, maar zij gaan naar een andere haven toe. Wellicht komen we elkaar nog wel een keer tegen, we houden contact via WhatsApp.

Anker
Het water is helder, waardoor we goed kunnen zien dat ons anker op zijn kantje ligt. We hebben 50 meter ketting uit, voldoende afstand tussen de kant en andere boten. Maar er zijn altijd boten, Franse zijn hier erg goed in, die boven op je lip voor anker gaan. Maar ditmaal is het een klein Duits bootje die, naar onze mening, veel te dichtbij gaat liggen. We houden de boel goed in de gaten, zeker wanneer de wind draait en we geheel om ons anker heen draaien. Met mijn Paddleboard roei ik regelmatig even langs ons anker bolletje om te controleren hoe het anker ligt. Normaal gesproken ligt dit bolletje zichtbaar op het water, maar deze keer is hij net onder het wateroppervlak verdwenen. Op een nacht zijn we hem zelfs helemaal kwijt en later blijkt dat hij onder onze boot verdwenen is en klem zit bij ons roer. Fred duikt het water in en snijdt het touw door met een mes.

Terugblik

We blikken even terug op de afgelopen 1 ½ jaar, sinds ons vertrek op 9 mei 2016
We zijn nu 662 dagen onderweg
Hebben 3 landen en 2 continenten bezocht
10 eilanden aangedaan
1 Oceaan bevaren
3029 Zeemijl afgelegd
429 uur op de motor gevaren
9x een auto gehuurd
4000 km gereden met een huurauto
24 havens bezocht
29x voor anker gegaan
5x aan een mooring gelegen
1x op de kant gestaan met onze boot
Kit heeft 1x gezwommen, al was dit niet geheel vrijwillig
1x terug naar Nederland (alleen Caroline)
Engels, Spaans, Portugees, Arabisch en Franse talen geprobeerd te spreken.
Nederlandse, Belgische, Duitse, Ierse, Engelse zeilers leren kennen
4 Nederlanders die in het buitenland wonen ontmoet

De hoogte punten in vogelvlucht van Fred:
Aankomst in Gijon, dat was de eerste grote stap van onze wereldreis.
In Portimão aankomen met de boot i.p.v. met het vliegtuig.
Het vieren van mijn 60e zestigste verjaardag zonder familie en vrienden en dan toch zo verrast worden met leuke kaarten en cadeautjes.
Verblijven in Marokko zonder me een toerist te voelen.
Andere culturen en landen ontdekken.
Lange overtochten zeilen.

De hoogte punten in vogelvlucht van Caroline:
Het oversteken, nachten doorzeilen en genieten van de heldere sterrenhemel.
Dolfijnen en bijzondere vissen.
Andere culturen, landen ontdekken en de autoritten.
Bijzondere ontmoetingen met Nederlandse Wereldvrouwen die in Marokko wonen.
Zeilers die goede vrienden zijn geworden.
Weekje terug naar Nederland om familie en vrienden te bezoeken.
Mijn oudste zoon Steven, Mylène en kleindochter Bobby ontmoeten op Tenerife en samen 10 dagen doorbrengen.
Verjaardag, Kerst en O&N vieren in het buitenland, dat blijft apart.

Wat missen we?
Natuurlijk onze familie en vrienden. Het contact wordt wel degelijk anders, maar gelukkig maken we veelvuldig gebruik van de sociale media, zoals WhatsApp, Skype en Facebook. Ik mis het knuffelen, lekker even vasthouden zonder iets te hoeven zeggen van familie en vrienden. Mijn kinderen en kleindochter Bobby, die nu zo snel opgroeit. Het “bakkie koffie” doen samen met mijn beste vriendin Anneke. Lekker op stap met mijn aller oudste vriendin Ludmilla, die meer een soort zus van mij is. Dan natuurlijk de geijkte dingen op eet gebied zoals: hagelslag, drop, moorkop of Tom Poes, broodje kroket, nasi met saté saus en zo kan ik nog wel even doorgaan. Maar nu spreek ik alleen voor mijzelf, want Fred mist al deze materiële dingen op eet gebied allemaal niet zo erg. Zolang hij maar ergens Whisky kan kopen is het al gauw goed.

Ons leven is echt veranderd
We doen zoveel nieuwe ervaringen op en raken ook steeds meer op elkaar ingespeeld. We zijn als een geolied stel samen. Natuurlijk heeft een ieder zo zijn eigen kwaliteiten en taken aan boord, maar toch doen we veel samen. We lopen allebei dag- en nachtwachten, bepalen samen waar en wanneer we ergens heen gaan, zetten de routes uit, halen weerkaarten binnen en verdiepen ons in het land of plaats waar we heen gaan. Degene die wacht heeft is de kapitein en maakt in eerste instantie de beslissingen, maar er is altijd ruimte voor overleg in geval van twijfel. Uiteraard zitten er ook wel eens dingen tegen, maar ook daar komen we altijd wel weer uit. We zitten nu eenmaal in het zelfde “schuitje”! We voelen elkaar steeds meer aan en zoeken samen naar oplossingen voor eventuele problemen die zich voordoen. We zijn aan elkaar gewaagd en het houdt ons scherp!

Natuurlijk is niet alleen de omgeving waarin we wonen veranderd. We genieten van de lekkere buitentemperatuur, warmer zeewater en de fantastische uitzichten die elke keer weer anders zijn. Ander eten, drinken, culturen en mensen die we ontmoeten, zowel zeilers als de lokale bevolking. We komen zonderlinge bootjes tegen met excentrieke zeilers aan boord, kortom mensen van allerlei pluimage. Misschien worden wij na een paar jaar over de wereldzeeën rond gevaren te hebben ook wel als “excentriekelingen” bestempeld. We voelen ons in ieder geval al een beetje “zee zigeuners”. We mogen dan, in sommige ogen, leven op/in een “beperkte” ruimte, maar wij hebben de hele zee tot  “achtertuin” en wie kan dat zeggen. De tochten naar nieuwe plekken, de rust op zee (als het niet stormt) daar voelen we ons wel bij.

Terugkijkend op de afgelopen 1 ½ jaar kunnen we niet anders zeggen dat ons vertrek een hele goede beslissing is geweest. We voelen ons goed, zijn erg gelukkig samen en ook Kit heeft het reuze naar zijn zin op de Pegasus. Kortom deze manier van leven bevalt ons uitstekend!

Haakprojecten

Vlak voor ons vertrek ben ik weer begonnen met haken en heb ondertussen alweer een paar projectjes gemaakt. Het is een leuke bezigheid voor onderweg sinds ons vertrek uit Nederland. Zo heb ik een aantal familieleden en vrienden blij gemaakt met mijn eigen gemaakte producten. Meestal maak ik gebruik van een bestaand patroon die ik soms aanpas naar mijn eigen inzicht.

Mijn laatste project was toch wel één van mijn favorieten! Een Pippi Langkous pop haken voor de 2e verjaardag van mijn kleindochter Bobby. Ik vond een tweetal patronen en heb deze gebruikt als basis voor deze pop en verder mijn creativiteit erop losgelaten. Heel vaak heb ik stukken weer uitgehaald omdat ik niet tevreden was met het resultaat. Hoezo perfectionistisch? Natuurlijk moet het perfect zijn, het is tenslotte voor mijn kleindochter! Het moest een pop worden die ze aan- en uit kan kleden. Ik heb zoveel mogelijk details aangebracht, want daar letten kinderen van deze leeftijd op, zoals oortjes, neusje en een naveltje. Rode laarsjes omdat ze die zelf ook heeft en extra kleertjes, rugzak en natuurlijk ook het aapje meneer Nilsson. Het was nog een hele klus, want het moest af zijn voor haar verjaardag en dan ook nog opgestuurd worden. Op 8 oktober 2017 is mijn kleindochter 2 jaar geworden, maar jammer genoeg was het pakketje met de pop nog niet binnen, het  kwam ietsje later. Gelukkig maakt dat op deze leeftijd nog niet zoveel uit. Het was een groot project en heeft enige maanden geduurd voordat de pop klaar was, maar het resultaat mag er zijn (al zeg ik het zelf). Ik heb het met heel veel plezier en liefde gedaan en hoop dat Bobby hier nog jaren plezier van zal hebben.
Hieronder het resultaat van Pippi Langkous. en nog een paar andere haakprojecten die ik de afgelopen jaren heb gemaakt.
Zo zie je maar weer, we zijn niet alleen maar met zeilen bezig!

En nog een paar andere haakprojecten die ik de afgelopen jaren heb gemaakt.