Geboren op 29 juli 2014 in Hazerswoude-Dorp, samen met mijn broer en zus. Mijn moeder is een alleenstaande moeder, mijn vader is al voor onze geboorte spoorloos verdwenen. Toen ik 6 weken en drie dagen oud was, nog maar 650 gram woog, hebben Caroline en Fred me opgehaald om me mee te nemen naar hun huis in Alphen aan den Rijn. Ik werd Kitty genoemd, omdat ze er namelijk vanuit gegaan waren dat ik een poesje was, maar ik wist wel beter! Ik groei zo snel en word groot en sterk, hierdoor begonnen mijn baasjes te twijfelen of ik wel een poes was. Op 5 december 2014 heb ik ze maar uit de droom geholpen door te laten zien dat ik toch echt een kater ben. Caroline nam me zelfs mee naar de dierenarts om het nog extra te laten bevestigen. Zo werd mijn naam veranderd van Kitty in Kit, wat stoerder klinkt en veel beter bij mij past.
Mijn baasjes doen er alles aan om me reis- en zeewaardig te maken, zo ga ik regelmatig lekker in bad. Moest wel even wennen hoor, maar heel erg vervelend is het niet. Buiten loslopen, dat mag ik niet, ik krijg een harnasje aan met een riempje, waar ik al heel snel aan gewend was. We gaan veel met de auto weg en ook dit vind ik geen enkel probleem meer, mag zelfs gewoon op schoot zitten van het baasje. Thuis hebben mijn baasjes heel veel speeltjes voor me gekocht en ook een net opgehangen waar ik voortdurend in klim en soms heel lui in lig.
Ook ons 2e huis, de boot, is geen vreemd terrein meer voor me. Ik ren al over het dek heen en weer, spring overal op en af en ga op onderzoek uit. Alleen lopen aan een riempje over de steigers vind ik nog niet leuk. Mijn baasjes vinden het soms nog wel eng en zijn bang dat ik uitglijd in mijn enthousiasme en in het water zal belanden. Nou, ik kijk wel uit hoor, veel te koud!
Nog iets meer over mij
Ik houd van spelen, balletjes ben ik gek op, maar vooral allerlei capriolen uithalen in het klimnet. Lekker op schoot zitten/liggen en heel veel knorren. Maar ook de vensterbanken in huis zijn leuk, er is zoveel te zien buiten. Ook ben ik gek op bezoek, dan krijg ik volop de aandacht. Mijn baasjes zijn erg lief voor me en houden van knuffelen, maar ik laat wel weten wanneer ik daar geen zin in heb. Aandacht kom ik hier niet tekort!
Ik hoorde mijn baasjes praten over het gaan wonen op de boot en dat we in de toekomst daarmee de wereld rond gaan zeilen. Dit lijkt me heel erg spannend, ik ben wel in voor het avontuur. Ik zal jullie alles laten weten wat ik allemaal beleef!
Dit lijkt me heel erg spannend, want ik ben wel in voor het avontuur. Ik zal jullie op de hoogte houden van mijn avonturen!

Onderweg zien we op de drooggevallen kant de zogenaamde “laatste rustplaats” voor allerlei soorten boten. Boten worden hier gewoon neer gelegd en verder kijkt niemand er meer naar om en van sommige boten is alleen nog maar een houten karkas over. Bijzonder, maar ook wel een trieste aanblik. We zien een aantal prachtige huizen die hoog aan de kant van de rivier zijn gebouwd. Zigzaggend varen we om de verschillende ondiepten heen en proberen grote boomstronken te vermijden. Op de drooggevallen stukken, midden op de rivier, zien we vele bijzondere vogels zoals ook een witte kraanvogel. Het water stroomt nog steeds langzaam de rivier op en vanaf de kant worden we aanschouwd door een groep wandelaars die zich waarschijnlijk afvragen wat we hier doen. Aan het einde van de rivier, in ieder geval tot waar wij met de dinghy nog kunnen komen, ligt het plaatsje Pont Groix. Omdat er haast geen water staat, peddelen we het laatste stukje door een smalle doorgang en met enige moeite belanden we bij een klein bruggetje waar een smal trappetje is. Zo goed en zo kwaad als het kan leggen we de dinghy vast, onder toeziend oog van een groep wandelaars.
Inmiddels is er alweer het nodige water in de dinghy gesijpeld, toch nog steeds een lekje ergens, waardoor ik me opoffer om dit eruit te hozen. We hadden gehoopt dat er in de buurt wel een leuk kroegje zou zitten, maar helaas is het hier een dooie boel. We drinken wat en wachten tot het water genoeg gestegen is. Op de terugweg passeren we enkele kanovaarders en dan ineens valt de motor uit. Benzine op, gelukkig hebben we een extra jerrycan benzine meegenomen. Inmiddels is het hoog water en moeten we goed opletten waar de ondiepten zijn en de boomstronken zich bevinden. Rond 18:00 uur zijn we terug bij de boot. We hebben geen zin om te koken en kijken waar we uit eten kunnen gaan. We vinden in een foldertje van de havenmeester, een Afrikaans restaurant, “Cap Africa”. Dat lijkt ons wel iets, weer eens iets anders dan de Franse keuken! We worden zeer warm welkom geheten en nemen plaats in het kleine gezellige restaurant. Er staan eenvoudige tafeltjes met mooie Afrikaanse doeken. Aan de wanden hangen allerlei maskers. Er hangt een gezellige sfeer en ook de muziek is aangenaam. De eigenaar voorziet ons van een aperitiefje, een lekkere frisse cocktail. Daarna gebeurde er niets. Op de tafeltjes liggen geen menu’s, dus wachten we maar gewoon af wat komen gaat. Vanuit het restaurant kijk je zo de keuken in waar de vrouwelijke kok gekleed in traditionele kleding haar werk doet. Even later komt de eigenaar terug en legt ons, in een mengelmoes van Frans en Engels uit dat er geen menu is, maar dat ze elke dag iets anders koken. We eten dus gewoon wat de pot schaft. Aangenaam verrast zijn we met wat er op tafel komt. We krijgen een grote schaal met kippenpoten, papaja, uien, paprika, een sausje en een grote kom met couscous op tafel. Eenvoudig maar bijzonder lekker! Als toetje krijgen we een gemengde fruitsalade. Samen met de fles wijn zijn we rond de €40,00 kwijt. Morgen staat er weer iets anders op het menu. We praten nog even na met de eigenaar en horen dat hij uit tussen Benin komt, dit land ligt tussen Togo en Nigeria. Hij krijgt een grote glimlach op zijn gezicht wanneer we vertellen dat we volgend jaar met onze zeilboot naar Afrika willen zeilen. We nemen afscheid met de woorden dat we morgen wellicht terug zullen komen. In het centrum is het een drukte van je welste met allerlei kraampjes waar we snel langs lopen en ons cafeetje La Cambuse weer opzoeken voor een echte Ierse koffie. De sfeer is hier gezellig en ook de aankleding is bijzonder te noemen, allerlei oude nautische apparaten, zeekaarten en allerlei schaalmodellen van boten. We hebben het weer lekker naar onze zin! Moe en voldaan rollen we ons bed in.
Prachtig gezicht! Het scheepskerkhof, gelegen langs de vaargeul, is een bezichtiging waard. In deze havenkom, op dit moment drooggevallen, liggen enorme grote houten vissersboten die hier hun laatste rustplaats gevonden hebben. Van sommige houten boten is niet veel meer dan een karkas en de andere boten bestaan uit een bonk verroest metaal. Het silhouet van de boten getuigd van de vroeger bruisende havenactiviteiten, maar nu niet anders dan een triest aanbeeld. Voor de bewoners van Camaret-sur-Mer is het een toeristische attractie, wat weer wat geld in het laatje brengt. De drukke kaden herinneren er aan dat de haven eens een belangrijke haven was voor de sardinevisserij en later voor de kreeftvisserij. We maken een wandeling over de kade, tussen de kleurrijke huizen, waar vele kunstenaars een eigen galerie geopend hebben. Hier zie je maar weer dat over het woord kunst nog heel wat te twisten valt, we zien namelijk de ene na de andere afschuwelijke beelden en schilderijen. We doen ook nog enkele boodschapjes en keren dan terug naar de boot, via het havenkantoor, waar alweer geen havenmeester te vinden is. We bekijken de kaart waar we morgen heen zullen gaan, het wordt Ile d’Quessant. We hebben geen zin om veel te doen, het regent ook alweer, dus de rest van de dag nestelen we ons in de salon met ons e-book. Als avondmaal eten we gezonde wraps met kip, sla en tomaten. Fred voelt zich na het eten steeds grieperig worden, neemt een paracetamol en duikt vroeg zijn bed in.
We krijgen een plekje aan de kade waar alle restaurantjes zitten, rondom staan allerlei mooie oude huizen en zijn daardoor meteen het bekijks van de dag! Eerst gaan we naar het havenkantoor om voor twee nachten te betalen. Dit bevindt zich aan de overkant van de havenkom in een heel klein steegje. We geven aan lid te zijn van de Toerzeilers, maar helaas maakt dat geen indruk. Ik gooi mijn vrouwelijke charmes in de strijd, waardoor we uiteindelijk toch nog 10% korting krijgen op het havengeld. Dat scheelt weer, want deze haven is wel erg duur. We zoeken de douches op en helemaal opgefrist zitten we in de kuip lekker in het zonnetje. Helemaal tevreden met een glaasje wijn, lekkere toastjes erbij en kijkend naar al die toeristen die langs de kade lopen. Ook raken we even aan de praat met een stel Nederlander die vol bewondering zijn over ons leven aan boord. Fred probeert een verbinding te krijgen via WIFI, maar dat is een drama.
Voor het plaatsen van de luikring moest er een uitsparing gemaakt worden. Ook dit was geen enkel probleem omdat deze plaat bijzonder goed te bewerken is. De temperatuur is belangrijk bij het verwerken van de epoxy, dus besluiten we het op dit binnenshuis te doen.
Epoxy is niet giftig, tijdens het mengen van de 2 componenten wordt het alleen warm, dus het kan zonder gevaar binnen gebruikt worden.
Op advies van Frank, van Mr. Boat, voorzien we de plaat eerst van 1 enkele laag epoxy, eerst de ene kant en na droging de andere kant. Na een aantal dagen volgt een laag met glasvezeldoek, keper geweven 160 gram. Het is even uitproberen hoe we dit het beste om de hoeken kunnen vouwen. Ook hier doen we eerst de ene kant, de bovenkant, de volgende dag draaien we de plaat om en bewerken deze kant.
Na droging zijn we al zeer tevreden met het resultaat.
Nu moeten we het even schuren en dan de plaat meenemen naar de boot om te passen vooralsnog we het gaan voorzien van een 2e laag epoxy met glas wezel. Wordt vervolgd!
Polyurethaan Isolatieplaten, worden gemaakt uit het hoogwaardige isolatiemateriaal Polyurethaan (PUR). Deze polyurethaan platen kunnen op maat gemaakt worden.
De haven van Brighton is een kunstmatige jachthaven, waar zich naast woningen ook allerlei winkels en horeca bedrijven bevinden. Al hoewel er nog veel ontwikkeld wordt, is er toch sprake van slecht onderhoud, want al gauw blijkt dat er een aantal bolders op de steiger los te zitten. Volgens Harry heeft het havenpersoneel daar niet zoveel aandacht voor, als je ze al ziet! Het havenkantoor bevindt zich boven, bereikbaar via een steile trap. De overige faciliteiten zagen er prima uit. Hier konden we weer goed douchen en een wasje draaien. We wandelen de kade op langs de vele (dure) restaurants naar een supermarkt, doen boodschappen en eten op de boot. Brighton is de populairste badplaats van Groot-Brittannië en ligt tussen de South Downs en het Kanaal langs de zonnige zuidkust van Engeland. Ook Brighton is niet echt een plaats waar we lang zullen blijven, maar omdat we er nu toch zijn willen we zeker de pier bekijken. Het is nog steeds bewolkt met wind en een grote kans op regen, dus nemen we (als echte toeristen) het treintje dat langs de kust van de jachthaven naar de pier loopt. De stad is een mengelmoes van speciaalzaken, levendige kunst & cultuur en evenementen, met een eigen koninklijk paleis, het exotische Royal Paviljoen. In deze Engelse badplaats krijgt het woord monument ineens een hele andere betekenis. Op de pier van Brighton, van 525 meter, ligt achter het felle neonlicht een complete kermis met achtbanen, draaimolens, donut- en crêpekramen, ballengooi tenten en espressobars. Toch staat dit amusementspark hoog genoteerd op de monumentenlijst. Engeland koestert zijn historie, maar de liefde van het land voor de zeepieren lijkt overdreven. Sinds de Engelsen de zonvakantie hebben ontdekt, is het met hun eigen badplaatsen bergafwaarts gegaan. Een triest beeld van de boulevards met hun verpauperde hotels, fish & chips restaurants en amusementshallen zijn vaak niet meer dan een herinnering aan vergane Victoriaanse glorie.
Op de pier kopen we crêpes met een lekkere zoete vulling en eten deze op gezeten in ouderwetse houten strandklapstoelen met uitzicht op strand en zee. Opvallend veel gekleurde mensen zien we hier aan zee, hele families genieten, ondanks de wind, van een dagje aan zee. Duidelijk is dat sommige zelden of nooit de zee hebben gezien. Wij hebben al gauw genoeg van de mensenmassa en keren terug, met het treintje, naar de jachthaven. Toch nog maar even een klein wasje draaien, dan is het meeste weer schoon. Inmiddels is het ook nog gaan regenen, maar morgen zou het beter worden, minder wind en geen regen, een prima dag dus om weer verder te gaan. Het plan is om morgen over te steken naar Frankrijk, Boulogne sur Mer, dus we plannen de route. Zaterdag neemt de wind alleen maar toe i.p.v. af en het ziet er naar uit dat dit voorlopig wel zo blijft. We besluiten dat het niet verstandig is om vandaag te vertrekken. Vandaag dus een lui dagje, beetje lezen, kopje koffie ergens drinken en de laatste boodschapjes doen. Voor zondag hebben we de wekker gezet om 5:00 uur vanwege het beste tij. Al snel wordt duidelijk dat de Engelse weersverwachtingen niet de meest betrouwbare zijn, dat leert onze ervaring wel van de afgelopen weken. En ook vandaag zitten ze er behoorlijk naast. De wind was niet afgenomen, maar toe en hoezo geen regen? De regen kwam met bakken de lucht uit! Dan maar even wachten tot het iets beter wordt. We wachten een poosje af tot de wind iets afneemt en besluiten dan toch te vertrekken. Het is even goed opletten, de wind staat namelijk pal op de steiger, maar het lukt ons om met windkracht 5 de haven te verlaten. We hebben stroom tegen, dus voorzichtig stuur ik onze Pegasus de havenmond uit en de grote golven tegemoet. Het zal een lange dag worden vandaag voordat we in Frankrijk zijn. De wind schommelt tussen windkracht 5 en 6. Prima zeil weer, ik ben helemaal in mijn element!
Langzaam breekt ook de zon door en wordt het weer een stuk aangenamer. Halverwege de middag horen we een raar geluid en ontdekken dat de ankerbediening contact maakt, waardoor het ankerlier de ketting afgedraaid. Gelukkig hadden we het anker al eerder omhoog gehaald, waardoor deze niet kon zakken. Fred lost dit probleem op door de bediening los te koppelen, zodat dit niet meer stroom kost. Hier zullen we dus een andere oplossing voor moeten zien te vinden. Nu staat er permanent stroom op en heb je geen mogelijkheid om het systeem helemaal uit te zetten. Rond 19:00 uur maken we eten klaar want we zijn er nog lang niet. Normaal gesproken proberen we zoveel mogelijk met daglicht een onbekende haven binnen te lopen, maar vandaag kon het niet anders. Om 23:00 uur naderen we Boulogne sur Mer. Het blijft lastig met donker, maar gelukkig beschik ik over een paar goede nacht ogen en sta voorop en geef Fred aanwijzingen. Het is erg druk in de haven (vanwege een Regatta) en we gaan langszij een boot waarop niemand aanwezig is. Morgenochtend zullen we naar het havenkantoor gaan, voor nu is het wel even genoeg geweest. Op de kade, naast het havenkantoor staan een aantal partytenten, waar muziek vandaan komt. Zelfs daar zullen we wel doorheen slapen. Net op het moment dat we ons bed in willen, horen we de buren thuiskomen, die ons vertellen dat er een Regatta gaande is en dat zij morgenochtend rond 9:00 uur weg willen. Het zal wel, geen probleem. Eindelijk kunnen we slapen……. Maandag heerst een grote bedrijvigheid in de haven, iedereen maakt zich op voor de Regatta. We verleggen de boot en wandelen naar het havenkantoor, waar een bijzonder slecht Engels sprekende dame ons te woord staat. Het is een modern complex met goede faciliteiten.
Aan de andere kant van de haven liggen de vissersboten aan de kade. Later merken we dat deze boten nogal veel lawaai maken. Inmiddels is de zon volop gaan schijnen en omdat we hier maar één dag blijven, gaan we het stadje in om een beetje rond te wandelen.
De meeste winkels zijn nog dicht, maar een koffie kun je altijd krijgen en even later genieten we op een echt Frans terrasje van koffie met een verse croissantjes erbij. We wandelen door de straten met oude imposante gebouwen en komen uit op een heuvel waar een groot fort heeft gestaan. Het is even klimmen, maar dan heb je ook wel een mooi uitzicht over de haven. Helaas kunnen we net onze boot niet zien liggen. In de verte zien we alweer een reuzenrad! We wandelen langs de vesting muren in een groen oase, door de poorten van de dikke muren. Onderweg naar de haven vinden we een bakker en kopen vers Frans brood. Bij de supermarkt slaan we de laatste verse boodschappen in. In de middag vult Fred de dieseltank bij uit de jerrycan, zodat deze weer tot z’n nok toe vol zit. Zo proberen we de motor problemen even voor te zijn. Vanuit de kuip zien we de boten binnenkomen die meegedaan hebben aan de zeilwedstrijden. We bereiden ons voor op morgen, dan zeilen we naar Duinkerken. Dinsdag vertrekken we om 9 uur uit Boulogne sur Mer. Het is een mooie zonnige dag met niet heel veel wind. Jammer dat we niet zoveel zonnige dagen hebben deze vakantie. We zeilen zoveel mogelijk, maar op een gegeven moment moeten we toch de motor bij zetten. Onderweg hebben we problemen met de kraan van de natte cel, er is iets afgebroken. Helaas weer een klusje erbij, maar dat lossen we later wel op. We hebben de stroming mee en komen rond 17:00 uur in de buurt van Duinkerken. Het is even zoeken welke inham we moeten hebben, maar uiteindelijk leggen we de boot aan de steiger. We hebben nog wel enige twijfels bij de diepte, want de dieptemeter geeft al 0 aan en het is nog geen eb. Laten we hopen dat we niet vast komen te liggen. Volgens de haven meester liggen we daar diep genoeg, maar eenmaal terug aan boord blijkt al gauw dat we toch vast liggen. Niets aan te doen, gelukkig liggen we recht! De faciliteiten bij de haven zijn redelijk primitief, douches bevinden zich op het terrein van de watersportvereniging (we konden eerst de ingang niet vinden, want nergens staan bordjes). Er was een restaurant, maar deze was elke dinsdag gesloten. Net nu ook zo zin had in Belgische Frieten……..Er gaat een gratis peddelbusje naar het centrum van Duinkerken, maar dat hebben we maar overgeslagen. Naast ons komt een houten Nederlandse boot liggen met 3 mannen aan boord, die morgen ook weer vertrekken. Woensdag vullen de watertank en vertrekken daarna richting Breskens. Vandaag is een relatief kort dagje zeilen. We zeilen bijna gelijk op met de Nederlanders. Zij kiezen er voor om dichter langs de kust te varen en wij zoeken de zee meer op voor meer wind. We moeten toch de motor erbij zetten, maar zodra de wind toeneemt gaat de motor uit en zeilen we met 10 knopen richting Breskens. Het is even goed opletten met bij de aanloop van Breskens. Niet alleen de stroming en de bocht die je moet maken, maar ook allerlei grote boten die heen en weer varen. We liggen aan de wachtsteiger en merken dat de havenmeester niet meer aanwezig is. Deze haven is modern, maar bestaat uit een hele lange zigzaggende steiger voordat je met een helling naar de kade gaat. Je moet dus een eind lopen voordat je bij de faciliteiten bent, die we niet benut hebben. Naast ons zien we dat de douane een boot onderzoekt. Dat heeft ons wel heel erg verbaasd deze zomer, hoe weinig controle er is op binnenkomende schepen. De havenmeester vraagt om de naam van de boot, aantal personen (bij lange na niet altijd onze namen) en hooguit waar je vandaag komt en/of heen gaat. Zelden hebben we ons paspoort hoeven laten zien. En we zijn nog nooit gecontroleerd door de douane! We hebben geen zin om te koken en gaan eten bij de Brasserie van de jachthaven. Ondertussen bellen we Aad & Suzanne op, goede vrienden die in Terneuzen wonen, of ze zin hebben om iets te komen drinken en de boot te bekijken. We hebben nog een gezellige avond aan boord. Morgen zit onze vakantie er bijna op en varen we weer huiswaarts richting Rotterdam. Omdat we de Maasmond bij daglicht willen passeren hebben we besloten om rond 15 uur te vertrekken uit Breskens.
We varen langs Vlissingen en zien gigantisch schepen, drie- en viermasters en vele andere mooie boten, die mee doen aan de Sail Vlissingen dagen. Op zeil dobberen een beetje, anders komen we veel te vroeg aan bij de Maasmond. We proberen bij ochtend glorie, rond 6:00, uur te arriveren. De lucht trekt ‘s avonds een beetje dicht en het wordt toch nog oppassen geblazen. Er varen veel vissersboten en die zetten af en toe hun AIS-systeem ineens uit, vanwege de concurrerende collega’s. We zeilen samen deze laatste dag, geen wachten meer van 4 uur. Toch maar op grootzeil met motor bij. Om 5 uur in de ochtend naderden we de Maasmond. De verkeerscentrale begeleid ons de Maas op. Op een gegeven moment willen ze dat we per direct de Maas oversteken naar de andere kant en zien wij achter ons een gigantische boot naderen die containers (vanaf het dek zeker 13 hoog) vervoerd. Deze boot nadert met hoge snelheid en ineens voelen we ons wel erg klein…….. Het blijft een ervaring, varen op de Maas. We melden ons aan per nieuwe sector en grote vrachtboten halen ons in en veroorzaken vervelende golven. Uit eindelijk spande het er nog even om of we de Erasmusbrug van 11:00 wel konden halen. We roepen de brugwachter op om aan te geven dat we onderweg zijn en verwachten de bruglichting van 11:00 uur te halen. We verzoeken hem 5 minuten te wachten indien dit mogelijk is. Het was niet druk, dus dat was geen enkel probleem, wat een geluk was want anders hadden we moeten wachten tot de volgende brugopening van 14:00 uur. Moe, maar voldaan arriveerden we even laten in de City Marina. We ruimen zoveel mogelijk op en nemen alleen het belangrijkste mee naar huis zoals, kleding en eten uit de koelkast. Gelukkig staat de bus er nog, na zoveel weken van onze afwezigheid. Het is wel weer even wennen, voet aan wal te zetten. Na 45 minuten arriveren we thuis in Alphen aan den Rijn. We zijn weer thuis! Het was een geslaagde vakantie met heel veel mooie ervaringen, waarbij we steeds beter op elkaar ingespeeld raken. We hebben bijzondere, mooie en spannende momenten beleefd en we zijn zeker weer een ervaring rijker!
Een prachtige baai met mooie witte krijtrotsen, met kleine houten strandhuisjes aan het strand. We moeten even goed opletten of het anker pakt en op de afstand naar de kant, want het verschil in hoog en laag water is hier nogal fors, dus genoeg anker ketting gebruiken. Er liggen nog enkele andere boten in de baai, maar echt druk is het niet. De komende dagen willen we lekker luieren, zwemmen, lezen en een paar klusjes doen zoals de bediening van het anker waterdicht maken. We kunnen internet ontvangen en ook tv kijken, dus s’avonds liggen we lui in de salon een film te kijken. We hebben genoeg verse voorraad om de komende tijd door te brengen. De rest van de week blijven we liggen in Studland Bay. Het weer is wisselend, zodra er zon is genieten we in de kuip van het zonnetje. Maar echt lekker zwemweer is het niet. Fred neemt een duik in het frisse water om zich te wassen maar ik was me liever onder we opgewarmde de waterzak in de kuip. We varen met de dinghy naar het strandje toe, slepen haar verder het strand op (het wordt vloed), eten en drinken iets bij een klein strandtentje en wandelen langs het met grote keien bezaaide strand. Bij terugkomst verleggen we de boot een beetje om dat we wel erg dicht bij de kant liggen.
‘s avonds genieten we, onder het genot van een glaasje wijn, van een prachtige zonsondergang. Niets is mooier dat dit, elke dag anders en helemaal gratis! We komen helemaal bij in deze rustige baai. We vinden het heel fijn om niet in een overvolle haven te hoeven liggen. De rust, ruimte, frisse lucht en het fantastische uitzicht op de baai en krijtrotsen, dit is pas vakantie. We lezen heel veel, ik verslind mijn pas gekochte Engelse boeken en Fred leest boeken via z’n e-book. Af en toe vervangen we een aantal dingetjes aan boord, zoals ledlampjes en Fred zorgt ditmaal voor een waterdichte bediening van het anker. Onder toeziend oog en instructies van Fred maak de 3 gekochte stekkers aan elkaar, zodat we een set verdeelstekkers hebben. Wat zijn we toch handig! Op één van de dagen varen met laag water we het vrijgekomen keienstrandje toe bij de hoge krijtrotsen die als grote pilaren in zee staan. Prachtig! Het is een walhalla voor mij als verzamelaar van mooie stenen, schelpen en aangespoeld hout e.d. Als eerste vind ik een stuk krijtrots in de vorm van een hart (zie foto), ik smelt! Met mijn zakken vol schelpen en mooi gladde steentjes varen we terug naar de boot.
Een eindje verderop in de baai is een heel druk bezocht strand waar je ook goed kunt eten. Na een aantal dagen zelf gekookt te hebben is het wel weer eens lekker om onszelf te verwennen met bord “fish en chips”! We bereiden ons weer voor op de volgende stap, de volgende haven die we aan zullen doen is Yarmouth. Maandag, 12 augustus willen we naar Yarmouth zeilen. Vanwege de stroming vertrekken we niet zo vroeg, maar we nemen toch altijd wat extra tijd omdat je nooit weet wat het weer gaat doen e.d. En dat blijkt achteraf toch wel een heel goed idee te zijn! Bij ons vertrek halen we het anker op, de bediening werkt weer perfect, maar het anker gaat wel erg moeizaam omhoog. Even later krijg ik een seintje van Fred, die op de punt staat, motor in zijn vrij. Dan zien we wat de oorzaak is dat het anker zo moeilijk gaat. We hebben met ons anker een ander anker opgepikt…… Al gauw wordt duidelijk dat dit niet een anker is van één van de andere boten die in de buurt liggen. We varen iets vooruit en dan zien we dat er een losse ketting aan dit anker zit. Gezien de grootte van dit anker, minstens tweemaal zo groot, moet dit een anker zijn wat een grote boot ooit verloren heeft. Maar wat nu? Hoe krijgen we dit in hemelsnaam los? Fred probeert eerst vanaf de boot of hij het anker los krijgt, maar dat is vergeefse moeite. De temperatuur van het water is koud en Fred besluit om zijn wetsuit aan te doen (met dank aan Jaap & Jolanda, komen ze toch nog heel goed van pas), duikt het water in en maakt een touw aan het “opgepikte anker” vast. De andere kant van het touw maken we vast aan de reling van onze boot, we laten ons eigen anker langzaam zakken waardoor er een ruimte tussen de twee ankers ontstaat. Zo is het mogelijk voor Fred om de ankers van elkaar los te maken. Dit alles heeft toch zeker 45 minuten in beslag genomen. Maar het is gelukt en even later varen we met 6 knopen de baai uit. Nu kunnen we in ieder geval zeggen dat we zeker weten dat we goed voor anker(s) hebben gelegen in deze baai!! We hijsen de zeilen en Fred komt bij van het zware werk. Gelukkig is het maar een half dagje zeilen en hebben ruimschoots de tijd. In de loop van de ochtend neemt de wind toe en gaan we met 9 knopen richting Yarmouth. Rond 14:30 uur arriveren we in de haven en worden door de havenmeester gedirigeerd naar het einde van een steiger in een hoek waar de wind volop staat. Een stel Hollanders helpt ons een handje en even later kunnen we genieten van het zonnetje in de kuip.
Bij laag water is er een groot strand zichtbaar, wat bij hoog water geheel verdwenen is, opletten dus met de afstand naar strand, diepte van het water en de benodigde ankerketting uitgooien. Er zijn maar weinige boten die hier voor anker liggen, lekker rustig dus! In de verte liggen een heleboel grote tankers voor anker. In Bembridge is er een reddingboot van de R.N.L.I. (Engelse reddingsmaatschappij) gestationeerd en is er tevens een museum van deze reddingmaatschappij. Vlak naast de post van de R.N.L.I. bevindt zich een uitkijkpost van de Engelse kustwacht welke uitzicht biedt op de Oostelijke ingang van de Solent en het Westelijke deel van het Engelse Kanaal. Woensdag varen we met de dinghy naar de kant, waar we allereerst het plaatsje Seagrove een beetje willen verkennen. Zit er genoeg benzine in de tank van de dinghy om naar beide plaatsjes te gaan vraag ik nog aan Fred, die dit bevestigd. We nemen voor de zekerheid wel de hand marifoon mee, maar geen reserve jerrycan benzine. Het is water is stijgende dus we tillen de dinghy zover mogelijk het strand op en leggen hem goed vast. Aan een plaatselijk bewoner vragen we of zij een “oogje in het zeil” wil houden op onze dinghy. Geen probleem. We wandelen rustig naar het dorpje en met uitzicht op de grote stad Portmouth (gelegen aan de overkant op het vaste land van Engeland) een lunch nuttigen. Helaas vindt een zwerm wespen onze lunch ook lekker. We laten ons redelijk snel wegjagen en lopen terug langs de kust naar de dinghy. We varen vervolgens richting Bembridge, waar het steeds drukker wordt vanwege het hoog water waardoor er vele boten de haven binnen willen. Al varend zien we dat dit dorpje erg weinig voorstelt en varen door tot de jachthaven.
Halverwege valt ineens de motor uit! Weer een wijze les, de volgende keer altijd een jerrycan met benzine meenemen! Gelukkig hebben we de hand marifoon bij ons en roepen de havenmeester op die ons naar de haven sleept en voorziet van benzine voor een paar euro. Het is inmiddels een chaos van binnenkomende boten en zodra het kan varen we terug naar de boot. Inmiddels is het weer niet meer zo mooi en de golven hoog. Behoorlijk nat komen we terug op de boot. De dinghy maakt ook nog steeds wat water, ook een klusje wat we nog eens moeten zien op te lossen! Door de golven is het voor anker liggen toch niet zo aangenaam als we verwacht hadden en we besluiten om de volgende dag verder te gaan.
Allereerst denken we dat het weer om een school dolfijnen gaat, maar deze vin is wel erg klein. Een jonge dolfijn? Zelfs met de verrekijker is het niet goed te zien. Omdat we toch op de motor varen, draaien we er om heen om het beter te kunnen zien. We zien er steeds meer en het is duidelijk geen dolfijn. Een grote platte vis met 1 vin boven water. In ieder geval heel apart. We zien bij tijd en wijlen steeds meer scholen van deze vissen. Later horen we van een visser dat we, naar alle waarschijnlijkheid, de bekende “Sunfish” (in Nederland wordt deze vis de Maanvis genoemd). Deze vissen komen het meeste voor bij de Kanaaleilanden, daar hadden we ze vorige jaar toch echt niet gezien. Waren deze vissen een beetje verdwaald? Het weer wordt slechter, regen en ook nog mistig. Met een stevige wind varen we rond 21:00 uur, net voor zonsondergang, de haven van Torquay in. Het is even zoeken naar een geschikte plek. We leggen aan bij de “visitors” steiger met hulp van een aardige Engelsman die ons meteen verteld waar het havenkantoor en de toiletten zich bevinden. Het is een gigantische haven, steigers vol met honderden boten. Er staat een groot complex op de kade waar zich het havenkantoor op de bovenste verdieping bevindt. Restaurants, winkels en de havenfaciliteiten zijn op de begane grond. De faciliteiten zijn overdag voor iedereen toegankelijk, alleens s’avonds kunnen alleen de gebruikers van de haven er m.b.v. een pincode in. Een vreselijk piesstank komt je tegemoet, wat een teleurstelling, een dergelijk grote moderne haven met zulke gore douches en toiletten. Hier zullen we weinig gebruik van maken, dat is duidelijk! We hadden van deze plaats een ander beeld, dan we nu ervaren. Moe duiken we ons bed in, morgen zien we wel verder. Vrijdag worden we wakker door allerlei geluiden, het blijkt dat naast ons een Hollandse boot komt te liggen. Hierdoor moeten de zeilers van die boot, via onze boot naar de kade lopen, wat voor gebonk op onze boot zorgt.
Torquay is een typische Engelse badplaats (graafschap Devon), ligt in een grote baai. Deze baai (Tor Bay) wordt ook wel de Engelse Riviera genoemd. Plaatsen in de buurt zijn Paignton en Brixham. Warme zomers en milde winters, zelfs palmbomen schijnen hier te groeien (helaas hebben we hier niet veel van gemerkt). Op de Paignton & Dartmouth Steam Railway rijdt nog een ouderwetse stoomtrein. Vanuit Torquay zijn uitstapjes mogelijk naar de beroemde steencirkel van Stonehenge en de kathedraal van Exeter. Torquay gaf ook inspiratie aan de vele romans van Agatha Christie, die in deze plaats werd geboren in 1890. De bekende komische tv serie Fawlty Towers is hier opgenomen. TorBay is een perfecte omgeving voor diverse watersporten en er zijn twee jachthavens van wereldklasse in Torquay en Brixham. De marina ligt in het centrum van het stadje met veel winkels, pubs en restaurants en waar een gigantisch reuzenrad de skyline van deze stad domineert. We houden allebei niet van dit soort grote toeristisch plaatsen en besluiten om de volgende dag verder te zeilen. Via een buurman regelen we stroom, gelukkig had de buurman een verdeelstekker waardoor we samen van de stroomaansluiting gebruik kunnen maken. Wat een handig ding, zo’n verdeelstekker, zeker bij de bezoekerssteiger waar iedereen stroom wil hebben. Ook konden we van hem de waterslang lenen om de watertank te vullen. Vandaag is het redelijk zonnig en we wandelen door het levendige centrum van de stad met vele winkeltjes en restaurantjes, onderweg genietend op een terrasje van een overheerlijk kopje cappuccino met “home made” American Cheesecake. Bij toeval komen we een hele ouderwetse winkel tegen waar ze gereedschap, huishoudelijke artikelen e.d. verkopen. Je kijkt je ogen uit, een dergelijke overvolle winkel zie je tegenwoordig niet veel meer, maar ze hebben echt alles! We vinden hier zelfs nog wat onderdelen om enkele reparaties uit te kunnen voeren. Bij een boekhandel kon ik het toch weer niet laten om 2 nieuwe Engelse boeken aan te schaffen, super goedkoop. We vinden een supermarkt en slaan groente, fruit, brood en een overheerlijk pizza voor vanavond in. Vlakbij de haven trakteren we ons zelf nog even op een “Real English Afternoon Tea, with bread and butter, jam and little cakes”, want je moet toch op z’n minst één keer genoten hebben van een echte Engels Tea!
We worden op de foto gezet door een vriendelijk Belgisch echtpaar. Terug bij de boot bereiden we ons voor op de volgende ochtend, onze volgende haven zal Weymouth worden. Met de zeekaarten op tafel, bakje nootjes en een glaasje wijn, raken we aan de praat met onze Hollandse buren. We nodigen ze uit om aan boord iets te komen en wisselen leuke en leerzame ervaringen uit. De vader zeilt al jaren alleen en zijn zoon zeilt deze zomer een paar weken mee. Met bewondering luisteren we naar deze man, die al aardig op leeftijd is. Hij verteld over zijn zeilreizen, de capriolen die hij uit heeft gehaald en hoe alles toch altijd weer goed afloopt! Een bijzondere ontmoeting! We eten onze pizza en duiken redelijk vroeg ons bed in.
Fred klimt wederom de mast in om de vallijn omlaag te halen en ik voorzie deze even later van een nieuw harpje en maakt een extra takeling. Aan het eind van de dag bepalen we de route voor de volgende stap. Ons plan is om morgen weer te vertrekken richting Poole en in Studland Bay voor anker te gaan. Ondertussen lagen er alweer 3 boten naast ons die weg moeten als we morgen vroeg weg willen. We overleggen met de buren dus over het tijdstip van vertrek, geen probleem!
Fred klom een aantal keren de mast in om de kraanlijn te ontwarren en los te maken. De val lijn werd weer naar beneden gehaald en voorzien van een nieuwe sluiting en werd het lampje van het driekleurenlicht, bovenin de mast, vervangen. Eén van de dagen heb ik besteed om de grootschoot vervangen door een nieuwe lijn, de uiteinden werden voorzien van een takeling, zo zag het er weer een stuk beter uit. De haven van Newlyn is een echte vissershaven en niet gericht op de pleziervaart, echter de laatste jaren kwamen er steeds meer boten, waardoor de faciliteiten een beetje zijn aangepast. Er is een mogelijkheid om te douchen, hiervoor moet je de sleutel ophalen bij de havenmeester en buiten kantoortijden hangt de sleutel vlakbij de visafslag aan een haakje! De enige doucheruimte bevond zich achter een fel blauwgeverfde deur, was redelijk schoon en om te douchen had je muntjes nodig. Naast ons kwamen een stel bijzonder aardige Engelsen met hun boot PALA liggen. Een ervaren zeilend ouder echtpaar, die ons de nodige tips hebben gegeven voor mooie havens en ankerplekjes. Op één van de dagen raakten we in gesprek met een visser, eigenaar van een heel klein vissersbootje, die samen met een partner op o.a. krabben vist.
Onze aandacht werd getrokken naar één van de fuiken waar een zogenaamde “Spider crab” in zat. De visser vertelde dat deze moeilijk verkoopbaar is. Wij hadden dit nog nooit gegeten en wilde dit wel proberen. Al gauw werd een deal gemaakt, wij de krab hij een six-pack echt Hollands bier! Daar gingen we dan met een putsemmer vol met Spider crab en instructies hoe we het klaar moesten maken. Nu hadden we aan boord wel een grote pan, maar deze bleek bij lange na niet groot genoeg te zijn. Omdat we het beest toch op een zo humane manier aan zijn einde wilden laten komen, hebben we eerst het water gekookt en toen het lijf in de pan ondergedompeld gehouden. De poten braken we af met een knijptang en werden daarna gekookt, al met al was het een hele klus. Maar het was de moeite waard, want uit eindelijk genoten we volop van deze goden maaltijd. In de kuip met een glaasje witte wijn, vers stokbrood uit de oven, fruitsalade en sausje erbij, wat wil een mens nog meer?!
Het weer was nogal wisselend en op één van de regenachtige dagen liep een nieuwsgierig meeuwenjong heen en weer voor ons raam en tikte met zijn snavel tegen de ruit. De havenmeester is een zeer joviale man en omdat we met pech naar Newlyn gesleept waren, hoeven we maar voor 1 nacht te betalen i.p.v. 3 nachten. Top, zeker nu we extra onkosten aan de motor hebben. We besluiten om niet door te gaan naar Ierland maar langs de Engelse Zuidkust, al hoppend van haven en baaitjes, terug te varen. Ierland loopt niet weg, dus wie weet volgend jaar! De kaarten op tafel, route uitgestippeld, gegevens havens opgezocht, getijde berekend en waypoints in gps gezet, klaar voor vertrek. Het weer is nogal wisselend, dus in zeilpakken vertrekken we donderdag uit Newlyn. Het is regenachtig met een zeer matig zonnetje, prima zeilweer dus! We halen snelheden van 7 knopen en schieten lekker op. In de middag komt er meer zon, zeilkleding kan uit en we genieten van het uitzicht, de prachtige Engelse kust. Rond “Lizard’s Point” hebben we zoveel stroom tegen dat we genoodzaakt zijn om de motor erbij te zetten. Het is rond 18:30 uur wanneer we Falmouth naderen. Allereerst zie je een werf, waar enorm grote ondersteuningsboten van de marine liggen, vervolgens vaar je verder de rivier op en kom je bij de baai waar de haven ligt. Ons plan is om aan te leggen aan een mooring, deze zijn groen voor de “visitors”. Na even zoeken vinden we uit eindelijk een “vrije” mooring. Moe en hongerig duiken we meteen de kombuis in om eten te maken. Net toen we begonnen waren werden we toegeschreeuwd door een man in een motorbootje. Blijkbaar was deze mooring niet bestemd voor bezoekers, maar voor het plaatselijke veerbootje. Oeps, foutje bedankt! Er restte ons niets anders dan een andere groene mooring te vinden. Na wat rond gevaren te hebben bleek er geen enkele meer vrij te zijn. We gaven het op, dan maar naar de haven, die vlakbij is. We leggen aan naast een zeer bekende boot, namelijk de PALA, ook uit Newlyn. Wat een toeval! De volgende dag ontvangen we van de havenmeester een plattegrond waar goed op aangegeven is waar deze moorings zich bevinden. Hadden we die gisteren maar gehad……, we moesten gewoon een stukje verder doorvaren….. Eén dag in de volle haven vinden we wel weer genoeg dus we varen de Pegasus naar een “vrije” groene mooring.
Deze haven heeft meer faciliteiten, o.a. super douches, ruim genoeg voor ons tweetjes en die ook nog eens automatische aan gaan! Geen gedoe met muntjes, gewoon lekker lang genieten! Ook zijn er wasmachines en drogers, wat ons doet besluiten om maar eens een wasje te draaien. We doen boodschappen en varen met een schone, maar helaas nog niet helemaal droge was, terug naar de boot. Er staat een lekker windje, dus de was wordt aan lijnen opgehangen Wasdag aan boord! Verder genieten we nog even lekker van het zonnetje onder het genot van een glaasje wijn.
Een aantal iets wat oudere houten boten die op de kant gezet zijn en verderop ineens een enorme fabriek. Later blijkt dat er in dit gebeid van Engeland heel veel klei te vinden is en dat hier de klei verwerkt wordt en daarna in schepen wordt geladen. Dit verklaart dan ook meteen de aanwezigheid van de grote Hollandse boot! Op onze terugtocht varen we nog even door naar het dorpje Polruan, om dit te bekijken. De huizen liggen hier tegen een helling met nauwe straatjes er tussen. Er valt weinig te beleven, alleen een klein kerkje met heel veel bloemen en een piraten pop in de tuin.
Tussen de huisjes door kun je de gehele baai overzien en de stad Fowey, een werkelijk fantastisch uitzicht!